RA Nuland 44 Allerhande Acten (1704-1706)

Rechterlijk Archief  Nuland 44 (1704-1706) Allerhande Acten          versie 1.0

 

Blz 1 dd 16 februari 1704

Gerard Croon, Drossaard, Jacob van Gogh en Martinus Kivit, schepenen verklaren dat Corstiaen Gerits Bijvelt en Willem Teunisse van Roij, momboiren zijn op verzoek van de vrienden van Metjen, minderjarige dochter van Hendrick Peters Bijvelt.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh en Mart. Kievit,

 

Blz 2 dd 16 februari 1704 Erfdeling.

Compareren voor Drossaerd Croon en Schepenen Jacob van Gogh en Martinus Kivit

Deling tussen:

  1. Peter soone Hendrick Peters Bijvelt
  2. Jan soone Jan Jansen van der Ven de jonge, man en momboir van Geritje dochter Hendrick Peters Bijvelt
  3. Metje dochter Hendrick Peters Bijvelt, momboiren: Corstiaen Gerits Bijvelt en Willem Tunisse van Rooij

Allen kinderen en erfgenamen van wijlen Hendrik Peters Bijvelt en Grietjen dochter Gerit Jaecobs van Grinsven, tevens zij zijn ook mede-erfgenamen van overleden Peter Peters Bijvelt, hun overleden oom.

1e lot: Peter Hendrick Peters Bijvelt

  1. huijsinge, schuer, hoff en aangelegen akkerlant, houtgewas en plantagien, akkerlant is groot 12 lopens, 44 roe, gelegen aan het "litterven" binnen Nuland. Gelegen tussen oost: Erve van het convent van Couwater, west: gemene straet, zuid: gemene straet, noord: "litterven".
  2. Een acker teullant "het mouwerse"groot 4 lopens, 41 roe op het Heeseind onder rosmalen gelegen tussen oost: Erve Jan Adriaans van Nistelrooij, west: Goijert Geerits van Grinsven, zuid: den vaerwegh, noord: gemene straat
  3. 2 morgen weijlants "het geerkampken"te Nuland tussen bovennaast: erven van de armen van Nuland en Handerske weduwe Jan Handrick Sijmons, benedennaast: kerckdijck, zuid: Rut van Vlijmen, noord: "den hoogenwegh"
  4. 8 hont hooiland "opt middelst nulant" naast bovennaast: erve Mevrouw van Nulant, benedennaast Jan Jacob Bogers, zuid: middelste witteringske, noord: den "graeff van het achterst nulant"
  5. 3 hont hooiland "voor en midden opt nulant" tussen bovennaast: erven van Leendert Hacken en Cornelis van Coot, benedennaast: den smallen mergen van Cappelle, zuid: Netteringsgraeff, noord: graeff van het achterst nuland
  6. 2,5 mergen hoijlants in een meerdere camp van 5 mergen in "de corte hoeve" genaamd "den engelsen camp alhier gelegen tussen: bovennaast: Erve Juffr. Ruijs, benedennaast: erve Jan Boudewijns, zuid: convent van de predikheren, noord: achterdijck

Uit dit lot:

-       pacht van 4-12-8 jaarlijks aan…. ( niet genoemd)

-       aan comptoir van Hr. Van Deurne als rentmeester van de geestelijke goederen der stadt en meierij van den bosch: 2 vaten rogge jaarlijks

-       aan de Domheren van Lith, 1/2 van 14 penningen jaarlijks uit de genoemde mergen in de Geer

2e lot: Jan soone Jan Jansen van de Ven de Jonge

  1. huijsinge, hof en aangelegen land, en houtgewassen teullant =  11 lopens 32 roe en 8 hont weiland aldaar ten eijnde gelegen te Nuland op de Wolfsdijck tussen: bovennaast: erfenisse Jan Huijbers, benedennaast: Willem Tunisse van Roij en Jacob van Gogh, zuid: Wolfdijcxse straat, noord: Nulandse straat.
  2. 3 lopen en derde halve roe teullant "op de ackers" aen de molen tussen benedennaast: erfgenamen Peter Hendricx aent Hoogh, benedennaast: erfgenamen Jan Hendrick Sijmens, zuid: Molenheijke, noord: den middelwegh
  3. 7 hont weiland "in de weijvree" te Geffen tussen: bovennaast: Erve Jacob Gijsselen, benedennaast: Convent van Couwater, noord: den Hooijvree
  4. 4 hont weilants "op het voorst nulant"tussen bovennaast: erfgenamen Jan Roelof van de Pol, benedennaast: Handerske weduwe Jan Handricx Bijvelt, zuid: Neteringsgraeff, noord: "middelste weteringske"
  5. 1 mergen hooiland "achter op t nuland", tussen bovennaast: erfenisse Hendrik Lindert Hacken, benedennaast: "den smallen mergen van Cappelle", zuid: erve Peter Hendrick Peters Bijvelt, noord: Willem Claesen tot op den Hoefdijk
  6. helft van een camp hooiland ongedeeld met Metjen dochter Hendrik Peters Bijvelt "int sevenvirdel" groot in geheel 4 mergen tussen: bovennaast: erfgenamen Heer Colonel Ruijs, benedennaast Roelef van de Keer, zuid: Jacob Peters van Grinsven c.s, noord: Drossaard Croon c.s.
  7. een mergen hooiland in meerder camp van 4 mergen "in den Geer" te Rosmalen gelegen tot op den Achterdijck noordwaarts.
  8. 4e deel van 8,5  hont hoijlant ongedeelt met erfgenamen Geerit Jacob van Grinsven sijnde Uijterwert per plaatse genaemd "op de bergen" in 2 percelen onder Herwaerde gelegen.

Hieruit:

-       aan armen van Nuland: 1 vat en 1/2 kan rogge jaarlijkse in meerdere pacht met Handerske, weduwe Jan Handrick Sijmons met meer anderen

-       aan armen van Nuland: 2 stuijvers jaarlijks in meerdere pacht met voorgenoemde weduwe Jan Hendricx en meer anderen

-       aan comptoir van Heer van Deurne als rentmeester van de geestelijke goederen van de stad en meiereij een rente van 5-0-0 jaarlijks

-       aan H. Geest te Den bosch 8 vat rogge in meedere pacht jaarlijks met Thomas Maes en meer anderen

-       aan cappittel van Luijck als heeren van Lith de helft van 14 penningen jaarlijks

3e lot: Metjen dochter Hendrik Peter Bijvelt

  1. Huijsinghw, hof en 16 loopens en 31 roe, genaamd: "Hansenhoeff"met houtwas te Nuland, tussen, bovennaast: Erve van de Funfatien van Hr. Peter Pelmans, benedennaast: Corstiaen Gerits Bijvelt en "Lillerven", zuid: erfgenamen Peter Hendricx aent Hoogh, noord: gemene santstraat
  2. 2 lopens teullland genoemd "koolkempken"te Nuland, tussen bovennaast erfgenamen Peter Hendricx aent Hoogh, benedennaast Peter Hendricx Bijvelt, zuid: Convent van Couwater, noord: Geerit Peters van Gemonde.
  3. Streep teulland omtrent het "litterven", 1 lopens 45 roe,  zuid en noord: erfgenamen Dirk Jan Goossens, oost: Willem Tunisse van Roij
  4. Een heufken teulland, 2 lopens 28 roe, mede alhier gelegen "opt kerckenhoogh" tussen bovennaast: Handerske wede Jan Handrick Sijmons, benedennaast: Geerit Peters van Gemonde, zuid: Nulantse Straet, noord: Erve Gerit Peters van Gemonde c.s.
  5. Campken wijlant op "het heeseijndt"onder rosmalen, groot 8 hont tussen: bovennaast: erve kinderen Mathijs van Grinsven, benedennaast: Piecken Camp, zuid: gemene straat, noord: Erven mevr. Van den Driessen.
  6. 13 hont wijlants te Nuland "opt kerkenhoogh" tussen bovennaast: erve Adriaan Wouters, benedennaast: "het land den worst "genaamd, zuid: nulantse straat, noord: hooghenwegh.
  7. 2 mergen 1,5 hont hooiland in 6 mergen alhier "te langhs overt nuland gelegen" tussen bovennaast: erve cappittel van St Jan te Den Bosch , benedennaast: Peerken, weduwe Jan Hendrik Melten c.s., zuid: Neteringsgraeff, noord: hoefdijck. "eertijts gecomen van de kerck van nulant".
  8. 1/2 van een camp van 4 mergen ongedeeld met Jan Jan Jansen van de Ven de jonge in het sevenvirdeel te Nulant. Tussen: bovennaast: Ergenamen Hr. Colonel Ruijs, benedennaast: Roelof van de Keer, zuid: Jacob Peters van Grinsven, noord: drossaert Croon

Uit dit lot:

-       Heer van Deurne: pacht van 8 vat rogge jaarlijks

-       Weduwe Jonkheer Hermen Pelgrom: een gewinchijns van 14 stuijvers jaarlijks

-       Pacht of rente van 1-1-0 aan …. (niet vermeld)

Handtekening: Peter Hendrick Peters, Jan Jansen van de Ven de Jonge, Corstiaen Gerits, Willem Tunisse van Rooij, Jacob van Gogh - president, Martien Kivit - schepen, Croon - drossaard, Dirck van Clootwijck, secretaris

 

Blz 20 dd 25 maart 1704

Verklaring door de dienstboden Geerit Jansen, 19 jaar, Jan Jansen Gurts, 19 jaar, Jenneke Tielemans, 20 jaar en Sijken Tielemans, 18 jaar, dienstboden bij Hendrik Melten, pachter van 's lants hoeve van het Convent van de Fraters alhier te Nuland. Verder tevens verklaring door Dirk Peters Westerlaken, Geerit Jan Willem Celen en Lambert Peter Jan Clasen, allen van competente ouderdom en inwoners van Nuland. Verklaring door l.l. vrijdag 21 maart 1704 voor de middag toen hun meester met zijn vrouw naar Den Bosch ging voor de uitganck ders Hooghsles voor het verkopen van de Hoeve.  Engelse Soldaten "met grote furie zijn gecomen invallen. En alsoo sij alles  soo laeckens van de bedde, cussens daer sij de veren uit schudden. Kleeding van de vrouw : een grote coperen ketel, met een seegh schotel, een tinne schootel, een snaphaen met 10  hoenderen, een spiegel met meer goed van boter, brood, meel, Romme en melck en andersinds roofden en met gewelt wegh namen, als mede de silverknopen uijt het hemd van Geerit Jansen voornoemt ende dat sij deponenten  seer om hulp hadde  geroepen, sijn daar op gekoomen, de genoemde laatste 3 deponenten, om haar te seconderen en te ontzetten.

De laatste 3 verklaren op het hulp roepen zijn toegeloopen, met gaeffels en riecken, en op de hoeve gecomen, waar de soldaten haar de roers op het lijf setten drijgende haar doot te schieten, soos ij niet en ritireerden, zoals ze ook genoodzaakt waren te doen om haar leven te houden, nadat zij door heb geslagen en gestoten werden. Dirck Peters was aan zijn ene hant gequetst en bloedende.

Tekenen: G Croon, merk Jan Jan Gurts, merk Jenneke Tielemans, merk sijke tielemans, Dirck Peeters, Gerit Jansen, Lambert Peeters, Martin. Kievit, sijmen Diercx.

 

Blz 23 dd 11 april 1704

Drossaard G. Croon en schepenen: Jacob van Gogh, president, Martinus Kievit, Symen Dircx, Wouter Joppen, Peter Eijmberts, Poulus Peters van Osch

Verklaren dat bij aanvang van de ambten ter instantie van Jan van de Ven, Hendrik Frans  van Berghem en Jan Huijberts c.s. als buitendijkx geerfden van Nuland, dat deze landen volgens het cohier bedraagt de som van 1043-12-11 in  verpondingen.

Tekenen: G. Croon,  Jacob van Gogh, Martinus Kievit, Symen Dircx, Peter Eijmberts van Creijl, Poulus Peters van Osch

 

Blz 23 dd 11 april 1704

Drossaard G. Croon en schepenen: Jacob van Gogh, president, Martinus Kievit, Symen Dircx, Wouter Joppen, Peter Eijmberts, Poulus Peters van Osch, verklaren dat bij aanvang van de ambten ter instantie van Jan van de Ven, Hendrik Frans  van Berghem en Jan Huijberts c.s. als buitendijkx geerfden van Nuland dat de 5e penn. Verpondingen  208-14-08 bedraagt.

Tekenen: G. Croon,  Jacob van Gogh, Martinus Kievit, Symen Dircx, Peter Eijmberts van Creijl, Poulus Peters van Osch.

 

 

Blz 24 dd 11 april 1704

Drossaard G. Croon en schepenen: Jacob van Gogh, president, Martinus Kievit, Symen Dircx, Wouter Joppen, Peter Eijmberts, Poulus Peters van Osch authoriseren Jacob Jansen van Gogh, president en Poulus Peters van Osch om met de Curateuren van de boedel van wijlen de Heer Gijsbert van Beresteijn in sijn leven ontvanger van der verpondingen kwartier van Maasland en met de gecommitteerden van Hr. Slighgelaar, tegenwoordig out ontvanger van de verpondingen van kwartier van Maasland over de jaren 1700, 1701 en 1702, wegesn het remis van de verpondingen en vijfde verhoginge van de buijtendijkse landen onder Nuland volgens resolutie van de staten generaal dd 7 maart 1704. Als mede met de Hr ontvanger van beede of of siens gecommitteerden. Ze moeten de rekening opmaken van het remis, ontvangen geld weer verdelen.

Tekenen: G Croon, Martin Kievit, Sijmen Dierckx, Wouter Joppen, Peter Eijmbers van Creijll.

 

In marge: Willem van Roij als gewesene collecteur van de verpondingen van het jaar 1700 op 2 september 1704 de betaalde geremitteerde penningen van de geconstutueerden overgenomen en worden de geconstitueerden daarvoor ontslagen dd 18 september 1705

Tekenen Sijmen Dierckx, Abraham van Mill, G Croon, Marti. Kievit, Peter Eijmbers van creijll.

 

Blz 26 dd 11 april 1704

Compareert Willem Tonnissen van Roij out schepen en Meriken Peters, diens huisvrouw, die ter instantie van Geurt Rijcken als erfgenamen van Peter Hendrickx ~Boer~, gehuwd met Lijsken Jan Marcelisse, in hun leven wonend te Geffen, onder eed aan de drossaard:

Willem verklaart dat in 1703 toen hij in Den Bosch was om zijn affairen te verrichten kwam ene Jan Dircx, oud Schepen tot Geffen wonende aant Bergeijndt en hem vroeg wat hij daar te doen had en antwoordde dat hij met advocaten en procureuren had gesproken, wegens het evrsterf van Ljisken Jan Marcelissen weduwe van Peter Hendricx Boer, dat de spraak ging dat haar dochters kindt Peterken Claas Gerits enige tijd doot was geweest, eer de genoemde Lijske Jan Marcelissen de tocht van haar goederen hadde afgegaan, dat genoemde Jan Diercx daar op antwoordde dat het genoemde kind, soo onder het volck gezegt werd, voor de afgaan van tocht al enige tijd dood was.

Merieke Peters verklaart dat haar dochter Tonisken zaliger in het jaar 1701 thuis ….van den naeijschool tot Geffen zonde rde precieze dag te weten, tegen haar zei: “Moeder Claas Gerits ander kind namelijk Peerken is ook al een dagh of twee dood geweest en men schrijft en frijssie (?) daar aff soo ouder de menschen werd geseght, en dat het versweegen sal werden.

Tekenen: G Croon, sijmen Diercx en Poulus Peters van Osch.

 

Blz 28 dd 24 april 1704

Compareert Hendrik de Jong, olosie macker te Geemert, niet tegenstaande verscheijde aanmaningen permissieve gedaan in gebrekke is gebleven het oorlosie  ( in de toren van de kerk) alhier bij hem voor enige tijd van jaren aangenomen gaande te houden. Schepenen zijn nu genoodzaakt het onderhoud te laten aan Mr. Jan Gijsbert Smit te Geffen ook het orlosie voor de tijd van 6 jaren gaande te houden voor 7-10-0 per jaar, met een ducaton eens voor het maken avn een nieuwe spil,  en het geen verders anet Slach als gaande werk gerequireert is.

Tekenen: G Croon, Jan Gisjberts van Vucht, Jacob van Gogh, Mart. Kievit.

 

Blz 29 dd 2 mei 1704 Erfdeling Geelinghs

Compareren voor schepenen Jacob van Gogh en Poulus Peeters van Osch

- Jan Gerlinghs

- Geerit Geelinghs den ouden

- Geerit Geelinghs de jonge

Broers en kinderen van Geerlingh Teunisse en Teuniske Jansen en mede erfgenamen van Willem Teunissen ( van Rooij doorgestreept) hun oom.

Aan Jan Geerlinghs

- 5 stucken teullant, groot 7 vaetsaet te Geffen in "Willem Teunis ~Reuis~ Camp, belend: Lijsken weduwe Willem Jan Welten zuid, Jenneke eerst gehuwd geweest met Lambert Hendrix noord, gemeijne Papendijcx oost, noord erve fundatie….waarvan nu Rentmeester is de Hr. Van S:Gravesande. Hieruit: 14 vaten en 3 kannen rog jaarlijks aan Hr. Versteeghen en aan de armen van Geffen 5/7 parten pacht in 30 stuijvers jaarlijks bedragende 1-1-8.

- 2 stukken teullant te Geffen "opt Kreijeven", groot 3 en een half vatsaet, beneffens: Dirck Peters van Crijl west, Busselken gebruikers is Jan Willem van Goor west, Jan Gijsbert Hensen  zuid, Adriaan Brüsten noord. Hieruit last: 5 gulden jaarlijks aan Peter Abangelis te Den Bosch losbaar met 100 gulden Capitaal, item: 00-1-6 chijns aan de kerk van Geffen.

Aan: Geerit Geelinghs den Ouden:

- 2 stucken teullants groot 8 vatsaet mede in "Geerlingh Tunnis ~reüs~ hoff" tot Geffen, naast: erve Gerit Gelinghs de jonge zuid, Tunis Jorissen noord, Jan Herments oost, Papendijkse straet west. Hieruit: 5 gulden jaarlijks aan de minderjarige kinderen van Gijsbert ~Elents~ van Liempt, losbaer met 100 gulden capitaal. Item 3 gulden jaarlijks aan de erfgenamen van Cornelis Jacobs te S:Bosch, losbaer met 60 gulden capitaal.

Aan: Geerit Gelinghs de Jonge:

-  huis, hof en erf en 8 vaetsaet te Geffen in "Geerlings Teunis ~Reuis~ Hoff naast: erve Jan van Tiel zuid, Geerit Gelinghs den ouden noord, Jan Herments oost, Paependijkse straet west. Hieruit: aan het groot gasthuis Den Bosch 2 malder rogge, item 2-10-0 aan de kinderen van Gijsbert Elents van Liempt, losbaer met 50 gulden capitaal.

- inboedel: paarden, beesten, voer en koren

- ½ van 2 hont hoijlant ongedeelt met Jenneke, eerst getrouwd met Lambert Hendricx, "voor opt Nulant" gelegen, belend: erve Hendrick van den Boogaert boven, gildebroeders van St. Anthonis van Nulant, beneden, zuid: Wetteringhsgraaf, noord: erve weduwe Claes Adriaans van Boxtel.

Tekent: G Croon, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch.

 

Blz 36 dd 4 mei 1704, kosten reparatie kerk

Compareert Antony Florisse, meester leijdecker te Osch, Johan Himphamp en Jacob Jan van Uden, meestertimmerlieden te Geffen, Zij inspecteren ter instantie van Cornelis van Cooten en Hendrik van Putten als kerkmeesters, de fabrique kercke na de stormwind.  En bezien de noodzakelijke reparaties die nodig zijn voor de Buick van de Kerk. Er zijn minstens 1000 dackleijen nodig voor een bedrag van 112 gulden, met 20.000 nagels per duizend voor 14 stuijvers, tesamen 14 gulden. Verder 50 vorstpannen voor 0-1-4 per stuk, totaal 3-2-8. Verder een zak kalk van 2-10-0. Verder om de loode geuten te rapareeren 7-10-0, arbeidsloon 60-0-0, totaal 189-2-8.

De Meestertimmermannen verklaren dat een las aan een balck onder de geut van het kruijskoor moet worden gemaakt tenminste 6 voet lang, verder 30 opscheuten, d’een door de ander 4 voeten, aan te lassen, 40 voeten nieuwe platen van 5 en 7 duims op de muijr boven het Coor onder de geut. Verder 30 voet eijke plank, boven de gast/geest  kamer onder het dack dienende tot een planken, verder 60 voeten planken tot een geut boijem, kosten totaal 70-10-0. Arbeidsloon, nagels en ijserwerck komt op minimaal 36 gulden. Totaal derhalve 106-10-0.

Tekent: Antony Florissen van Osch, Jacob Jansen van Uden, Jan Jacop Himphamp, G Croon, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch.

 

Blz 38 dd  3 mei 1704

Rekening bewijs Willem Teunissemn van Roij collecteur verpondingen 1700

Ontvangsten:

-       gewone verpondingen boven het beurloon tegen de penning 20, de som van 1776-0-0

-       vijfde verhoging 355-0-0

-       oortje per gulden 22-4-0

totaal: 2153-8-0

Uitgaven:

-       betaald aan de ontvanger Berestijn op 5 maart 1701 de som van 350-0-0

-       12 mei de som van 251-13-0

-       6 juni de som van 205-0-0

-       10 juni de som van 50-0-0

-       23 augustus de som van 275-0-0

-       22 september de som van 275-0-0

-       22 oktober de som van 268-0-0

-       5 januari 1702 de som van 220-0-0

Totaal  1894-13-0

 

Bedrag dat overblijft: 258-15- 0

Acte is niet getekend.

 

Blz 41 dd 4 juni 1704

Voor de rechtbank te Nuland: questie tussen Geurt Rijcken, aanlegger en Jan van der Pol, gedaagde.

Beiden maken een accoord om verder onnutte proceskosten te voorkomen, na tussenspreken van goede mannen.

Van der Pol heeft een bedrag van 339 gulden voor schepenen van Den Bosch of Nuland te beuren van genoemde Geurt Rijcken, waarbij van der Pol de beschrijvingskosten zal betalen. Betreft een schultbrief van 150 gulden kapitaal en rente. De 189 gulden zullen in 4 termijnen betaald worden

Tekenen: Jan van der Pol, merck Goijaert Rijcken, G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

 

Blz  43 dd  20 juni 1706

Condities waaronder Cornelis van Coot gewesene collecteur van de verpondingen in 1701, na een .. van de raad van staten dd 27 januari 1703, verpacht voor alle man voor de meest biedende, na voorgaande publikatie een mergen en 4,5 hont ledigh liggend hooiland ter plaatse in de Lange Hoeven, binnen dese HH, in 2 perceelen, om bepaalde kosten hiervan te verhalen. Betreft landen van de Heer Bemont. Ingeset voor Theodorus Lemmingh op 5 gulden, gemijnt op 8 gulden. Tekenen: G Croon, Mart. Kievit.

 

Blz  45 dd  2 juli 1704

Volgens de commisariale appt. van Heeren schepenen dd 27 juni 1704, zi zijn de partijen te weten

Adriaan Fransse Hoefs aan de ene kant en Marija Jan Willems aan de andere kant, nu in de Raatkamer.

Betreft een schuld van 40 gulden vanwege huishuur van het huis van Adriaan Fransse Hoefs en Peter Bijvelt. Ze moet het huijs meteen verlaten.

Tekenen: Adriaan Fransse Hoefs, merk Marie Jan Willems, Mart. Kievit, Paulus Peters van Osch.

 

Blz  46 dd  30 juli 1704

Vandaag heeftJan van de Ven legt de eed als borgemeester af aan de drossaard voor het jaar 1704, ingaande Pinxteren laatstleden, onder voorwaarde dat hij het reëel collect boeck aan hem op heden ter hand gestelt volgens resolutie van de Raad van Staten voor de tijd van 10 jaar ver….ter excentie sal mogen liggen, als naar behoren. Verder verlangt hij binnen twee manden nog andere stukken zodat hij de belasting zal kunnen innen.

Tekent: G Croon, Jaocb van Gogh, Martin Kievit, Jan Jansen van der Ven.

 

Blz 47 dd 2 september 1704

Willem Teunissen verklaart 511 gulden van Poulus Peters van Osch te hebben ontvangen volgens liquidatie van de remisse over het jaar 1700 met de erfgenamen van de ontvanger Beresteijn door de Heer advocaat van Breugel sijn ter hand gestelt.

Tekent: Willem Tonissen van Roeij, G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx, Wouter Joppen, Peeter van Creijl.

 

Blz 47 dd 14 oktober 1704

Vrouwe Maria Dorothea Cramer compareert die verklaart aan de drossaard dat sekere deponentie van 2 brieven, een uit de stad Den Bosch 28 april 1704, geadresseerd aan de Heer Majoor Biekoorts (?), in Den Haag, de andere van de 13e mei daar aan volgend, aan Juffr. van Lourent  aldaar die de Heer van Bree in de procedure tegen de Vrouwe comparante voor de Raad van Brabant hangende ten processe hebben geproduceert, in alle schijn als of de voornoemde mevrouw deponente die met haar eijgen hand geschreven had en ondertekent geene de minste kennisse hebbende … min dat sij die selve geschreven heeft als betuijgende in de nederduijtse taal niet te konnen schrijven of deselve door haar order met een andere mans off vrouwen hand te hebben laten schrijven en ondertekenen. Verder verklaart ze dat ze de zoo genoemde Majoor Behoort (?) nogh ook Juffr Lourent nooit heeft gesien, gekent, gesproken. Ze heeft de naam nog nooit gehoord. Ze stelt vast dat de brieven door een fameuze fassaris sijn gefabriceert.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh.

 

Blz 49 dd 16 oktober 1704

Compareert Hendrik de Booij, procureur te Geffen, Hendrik van Putten, schoolmeester te Nuland en Martinus van Eijck, schoolmeester te Geffen. Verkalren dat ze afgelopen zondag 12 oktober 1704 in de gereformeerde kerk te Geffen alwaar de godsdienst wiert geoefend, zagen dat Isack Bovetius – door de Raad van Brabant aangestelt tot het waarnemen van het Drostampt naast sijn hele familei in de kerk zat,  bezit nam van de gestoelte staande aan de linckerhand van den predicant  recht tegen over het gestoelte twelcke geseght wort het des heere gesteolte te wesen.

Hendrik de Boij verklaart dat sinds het schepen en kerkmeester tot Geffen geweest is, mede altijt zijn sitplaats in gemelten gestoelte heeft genoomen. Altijt werd gezegt dat dit de stoel was van de magistraat

Tekenen: G Croon, Peter Eijmbers van Creijl, J v Clootwijk, loco secr.

 

Blz  50 dd  25 oktober 1704

Compareert

- Juffrouw Barbara Anna Keurbeeck, 49 jaar, nu gehuwd met Dirck van Clootwijck, secretaris van Nuland, eerst gehuwd met Johan van der Steen in leven secretaris

- Cornelia Troijen, 56 jaar, weduwe Mr. Johan van Heusen, in sijn leven coster en Schoolmeester te Nuland. Ze maken een verklaring voor de Vrouwe Dorothea Cramer, vrouwe van Geffen en wonend binnen dese HH en de Vrouwe van Nuland over wijlen Dhr. Geeraert Tilius, theologiedocter en predikant van Geffen en Nuland, altijd in respecte van de gereformeerde ledematen  tot Nuland woonend den godsdienst soo met predeken als het uitdelen van het heiligh avondmaal viese versa in genoemde Heerlijkheden tot contentement van de lidmaten heeft waargenomen te weten als wanneer op den sabbath of andere hoge feesdagen voor de middag tot Geffen gepredikt hebbende ten selve dagh na de middagh tot Nuland den kercken godsdienst heeft waargenomen en de week erop voor de middag te Nuland en na de middag te Geffen.

De eerste depontent vanaf 1682 en de tweede vanaf 1667 tot het overlijden van de Heer predicant Tilius binnen dese HH hebben gewoont

Tekenen: Barbara Anna van der Curbeeck, Cornelia Trooij, g Croon, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch.

 

Blz 52 dd 4 november 1704

Compareren Huijbert Jansen van Boeckel en Marija dochter Jan Willem Adriaans, beiden van competerende ouderdom en inwoner van Nuland, die ter instantie van de Heer Croon  een verklaring afleggen, dat afgelopen maandag “den drieden november1704” tussen 5 en 6 uur in de achternamiddag ten juise van Mr. Cornelis van Coot, is gecoomen ene Hendrik …… gewesene muldenaar wonend tot Lith, die o.a. naar veele complementen met het uijtstijken van sijn benen met den hoet aff gemaakt te hebben tegen Johan Theodorus Lemmingh, brouwer alhier, wegesn het leveren van bieren om de Gilde tot Lith – die hij seijde aangenomen te hebben met te tracteeren – verscheijde dronkemans discouren heeft gevoerd, dat den selve nadat Lemmingh vertrokken was, sigh ook met buijten sevierige discoursen heeft geemalleert met Jonker Mart. Kivit seggende onder andere dat hij een …….was dat hij gehoort had dat den borden waarop gemelten Hr Kivit outboorden dat dat hij t vlaet quaen dat den moolder 14 dagen te vooren al was verpacht waarop den genoemde mulder antwoorde wat seijd dat hij daar wel taet toewist dat ze pampier, pen en inckt soude langen…….dat hij Hr Kivit soode schrijven, hij zei dat af te slaan hij was geen secretaris bij was slechts de neef van de Vrouwe van Nuland was. En dat hij ook niet wilde schrijven. Huijbert verklaart dat Hr Kivit hem heeft geroepen om de genoemde mulder wegh te helpen, om alle moeilijkheden voor te comen.

Ende wederom aan den heert sigh op eenen stoel medergezet hebbende soo heeft den selven muldenaer den Hr Kivit seer in pertinent met schockante woorden bejegent waar op de Hr Kivit een tangh in de hand hebbende om een pijp toeback aan te steken van zijn stoel is opgestaan soekende hem met goede redenen te onderrighten, waarop de muldernaar in sijn zak tastte en ….maakte om zijn Ed met mesch te attaqueren, waarna de Edele hem met de tangh heeft geslagen, dat hem t mes uit de hand is gevallen, dat de 2e deponent later opraapte en vandaag heeft overgegeven aan de requirant.

Tekenen: merk Huijbert Jansen van Boekel, merk Maria Jan Willem Adriaans Sijmen Diercx, Wouter Joppen, Peter Eijmbers van Creijll, D van Clootwijck, secr.

 

Blz  56 dd 13 november 1704

Rekening bewijs voor de erfgenamen van wijlen Jan Willem Teunissen en de erfgenamen van wijlen Jan Hendrik Molegraeff als momboiren van Aaltjen dochter van Aert Hendrik Molengraeff.

In marge op heden 13 november 1704 hebben Hendrik Hendriks de Bie en Peter Bastiaans in qualiteit als erfgenaam van Jan Hendrik Molengraaf en de laatste als erfgenaam van Jan Willem Teunissen als gewesene momboiren van het genoemde kind, dese rekening gepresenteerd aan drossard en schepenen in aanwezigheid van de naaste vrinden van het kind: Erbert Jansen, Dirck Tunissen, Cornelis Crijnen en Hendrik Merckus.

Ontvangsten:

-       een som van 34-6-6 die uit het slot van de eerste rekening dd 25.1.1696 meer hadden ontvangen dan uitgegeven

-       volgens authorisatie dd 25 januari 1696 daarna op 8 februari voor de minste penningen voor 8 jaar voor de opkomsten van de goederen omtrent de 30 gulden bedragend in cost en cleding mits aan het kind jaarlijks uit te betalen de som van 2 gulden, maar niemand wilde het daarvoor doen, waarna Jan Hendrix Molegraafs dit gedaan heeft waardoor van de opcomst van de goederen geen ontvangst kan worden gebracht dus hier pro memorie.

-       Jan Molegraaff ontvang van de erfgename van Jan willem Teunissen de som van 10-0-0 wegens verkochte inboedel, gekomen uit de boedel van Jan willem Teunissen.

-       Idem voor verkocht schaarhout, 4-0-0

-       Ontvangen van Geerit Jacobs wegens verschuldigde landhuur de som van 5-2-8

Totaal 62-8-14

Uitgaven:

-       1 maart 1697 betaald aan secretaris Clootwijk tot Roosmalen 1-10-0 voor het uitmaken van de eerste rekening,

-       1 mei 1697 betaald aan de secretaris 1-12-0 voor het uitmaken van de momboir brief

-       1 januari 1704 betaald aan secretaris Clootwijk 5-2-8 voor het uitmaken van een scheiding en deling van de nagelate goederen van Jan willems

-       2 februari 1704  betaald aan de Heer P Versterre sub rentmeester van de domijnen tot Rosmalen, 2-3-0 voor het winnen van een chijns int Roosmaelse Boeck op de naam van Aeleke Aert Molegraaff

-       Aan Peter Bastiaans de som van 20-17-8 omtrent Paessen 1704

-       In de tijd van 8 jaar betaald aan Hr Verhofstad van kerkrechten de som van 6-18-0

-       Aan drossaard Croon voor het overstaan en passeren deser rekening voor expresse saccatie de som van 1-10-0

-       Aan de heren schepenen als voor 1-10-0

-       Aan de secretaris voor het schrijven van dese rekening 3-0-0

-       Zegel 0-7-8

Totaal 44-10-8

Resteert 17-18-6

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kivit

 

Blz 65 dd 13 november 1704:

Vervolg van vorige acte: nieuwe momboiren benoemd voor het zelfde onmondige kind: Hendrick Merckus: aangetrouwde oom en Cornelis Crijnen, neef van vader en moederswege.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kivit

 

Blz  66 dd  18 november 1704

Over schriftelijke acte door Cornelis van Coot, procureur en kerkmeester, aan de schepenen gegeven,  luidende:

“erfgenamen Marija Florisse van Gemert weduwe Hr. Willem ~Decgere~  met vonisse van de schepenen van de stad, gerecht sijn geweest tot een nieuw huis getimmert aan de Wolfsdijck, camp lants "Elscamp"te Nuland, 2 mergen lant in meerdere camp van 4 mergen int sevenvierendeel, huis en hof en land te Nuland ca. 13 lopens, huis en hof 3 lopens te Nuland. Handlichting door Cornelis van Coot en Theodorus Lemmingh wegens gebrek aan betaling van een capitaal van 1000 gulden, welke som G Croom had belooft op verband van zijn persoon en al zijn goederen, en toecomende de genoemde mevrouw Maria Florisse van Gemert weduwe deDecquere, gelijk in schepen brief der stad Den Bosch daar aff gemaakt dd 27 oktober 1694,

Volgende pagina: goede vrienden wij zenden u dese besloten cedule betreffende goederen te Nuland  van G Croon, diens schoonzoon Cornelis van Coot en Theodorus Lemmingh, welke volgens gebruiken van de stad Den Bosch in de jaargedingen gehouden op 8 augustus 1704 te boek gecoomen sijn, gevraagd aan de vorster de goederen elke 14 dagen te publiceeren, eerste publicatie is geschiet op 19 oktober, de 2e op 2 november en de 3e op 16 november 1704,

Tekenen: Jacob van Gogh, Martin. Kivit, Sijmen diercx, wouter Joppen Baers, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 70 dd  2 december 1704  copie

Jurrien Everdingh, vorster te Nulant neemt zaken in beslag ter instantie van Matijs van Crijl als obtinent van vonisse van de schepenen deser HH dd 3 oktober 1703, na voorgaande gedirigeerde executie en enige afpandinge van beesten in arrest genomen

-       in de keuken een wagenschotte renne of block met stene stoop daarboven op met een schotel daar recht boven aan de muur  hangende

-       een rijsack hangende aan de betstede, twee gardijnen met een voor hangsel aan de genoemde betstede

-       in de betstede opt stroij ouden tierentaijen rock en een lakens hemt trock, item een degen met een pistool

-       een eijcken glasen kastje met een stenen biercan, en twee glasen flesjens met een schotel reck daarboven aan de muur hangend

-       een houten block

-       een wagenschotte kast

-       een houten schotel reck met een teljoor

-       2 lanteren, met een strijk ijser, 4 cooperen lampen

-       Een hael met een vuureijseren en een hael, schop en tangh, met twee drie voeten ijseren, een rooster met een oliecan, noch 8 houten drie voet stoelen, een novaelse taefel,

-       Een livate ....gebloempt

In sijde kamerken bevonden:

-       een oudt bet met een oude gelapte deken, met 2 oude lakens, noch een oude deken

-       2 gestriepte stoffen gardijnen met twee livate voorhangsels gebloempt

-       Een handsaegh

-       Ijsere blaaspijp

-       Water emmer

Op de Geut bevonden:

-       een kors met haar toebehoort met een houten stoel sonder bodem

-       een melck tob, een melck emmer, een meeltonneke, een copere sijgh schotel, een koeke pan met een hangijser, ijsere schuimspaan,

-       een hacke bort met een hack mes

-       een mitaele moespot

-       lege bierton

-       een linde gardijn met een voorhangsel

-       een oudt bedt met een peulen, met 2 laeckens, en een oude deken

In de kelder bevonden:

-       melk tonnetje

-       aerde pot , een houter boterschotel

-       houte soutvat, met een lepelhuijs

int achterhuijs:

-       backtrog

-       een halve ton, 2 oude tonnen

-       oude brouwkuijp

-       een mande

-       paerdeback met een rijp

-       3 melckbeesten die Erbert Jansen verklaart de sijne te wesen

-       Een gavel en sijsie

In de moutcamer bevonden

-       een snijback met een mesch, een ton met een bodem

-       op de balcken een partij hooij

int Wagenschop:

-       twee backen van aerde karren

-       een rat en een oud beury  met een as,

-       een leer,

-       een partij hoij en stroij

In de schuer

-       een wijnigh ongedorst cooren

-       een partij stroij en een vlegel

-       op de messingh een partij strou stroij

Geinventariseerd ten overstaan van Croon, drossaard, Peter Eijmbers van crijl, en Poulus Peters van Osch,  schepenen

Acte is niet getekend.

 

Blz 73 dd 15 juli 1705

Rekening bewijs voor Jan Jacob Langens en Lambert Janse de Wert, collecteurs contributie aan de Coninck van Vrankrijck en spanje te betalen voor de tijd van 2 jaar ingaande 15 mei 1702,

Ontvangsten:

-       Ontvangen 1581-8-6 wegens den reële omslagh volgens de resolutie van haar ed: Moo: voor 2/3 reeel omgeslagen als blijkt bij de quohieren

-       Idem 812-9-8 wegens de personele omslagh

Gehele ontvangst: 2393-17-14

Uitgaven:

betaald aan het comptoir van Ignatius van Breeij als gecommitteerde tot het ontvangen van de contributie:

-       31 september 1703 de som van 420-0-0

-       8 maart 1704 de som van 215-0-0

-       3 september 1704 de som van 484-0-0

-       1 oktober 1704 de som van 186-8-0

-       Idem 100-0-0 in volle voldoening van van de 2 jaar contributie wissel sasagarde en bodegelt

Totaal 1405-8-0

Andere uitgaven:

-       Aan de rendanten 2 beurboecken om alles te annoteren 0-15-0

-       12 januari 1704 aan de Heer van Dinter als kwartiermeester van Maaslant in voldoening van het contingent offte quota van Nuland  als in het reguleren van de contributie 38-0-0

-       Op 29 oktober 1704 aan Cornelis van Coot wegesn refrissement van een Spaansche partij gecommandeert door een capiteijn De Amale 9-0-0

-       Idem wegens verteeringen van een franse partij gecommandeert door den partiesaen Baeltjere de som van 5-14-0

-       Op 6 november aan de president Jacob van Gogh wegens verschot aan de Heer Baeltjere de som van 10-0-0

-       Betaald voor verteeringen als wanneer de rendanten met Jacob van Gogh hadden omgegaan om het gelt op te halen, de som van 0-18-0  ( doorgstreept)

-       Verteeringen als wanneer de lijste van slants goederen wierden uitgetrokken omme het gelt aldaar te ontvangen de som van 0-13-0 ( doorgestreept)

-       Aan Lijn Jan Willem Ceelen op 24 september 1704 wegens verteeringen als wanneer den drost en Jacob van Gogh met Willem Teunissen van Roij persineel boeck hadde geresumeert, 0-11-0

-       Wegens verteringen aldaar wanneer de extracte  van slants goederen wierden uijtgetrocken de som van 1-7-0 ( doorgstreept)

-       Aan de Notaris Aelberts als wanneer de rendanten met Jacob van Gogh naar Den Bosch waren geweest om met de Heer van Breeij te liquideren, 0-19-0

-       Aan de clerck van de Heer van Deursen om de rendanten aan gelt te helpen van slants goederen de som van 2-10-0

-       Aan de selve clerck voor een extract  uijt de pactseele van die geene die slants goederen gepacht hebben 0-12-0

-       Op 4 oktober 1704 de rendanten met Sijmen Diercx als gecommitteerde naar Den Bosch gegaan met met den Heer de Breeij in naar de finale liquidatie te maken compt voor vacatie 2-0-0

-       Aan Sijmen Diercx voor sijne vacatie 1-0-0

-       De drossaard voor specificatie van salaris, vacatie en verschot  ( dese post sal tot laste van de beurders van de contributie gebracht worden, dient voor memorie)

-       De drossaard voor het over staan passeeren en sluijten deser rekening 6-0-0

-       De heeren ouditeuren voor het opnemen en sluijten deser rekening 12-0-0

-       De secretaris voor het protocolleren en uijtmaken deser rekening als sijnde een extra ordinaire saecke naar het gemaakte accoord, 9-0-0 ( dese post sal tot laste van de beurders van de contributie gebracht worden, dient voor memorie)

-       Den selve voor het verschot van de zegel  1-15-0

-       De rendanten voor haar tantjeme tegen de 20e penning, de som van 119-13-0

-       Op 4 december 1704 als de rendanten met de drost en Hr. Kivit de contributieboecken voor de 2e keer hadde geresumeert voor verteeringen bij van Coot 1-8-6

-       5 december idem betaald 0-10-0

-       Van Coot volgens rekening van de 21e november 1704 wegesn evrteeringen van een franse partij de som van 8-6-0

-       De president Jacob van Gogh wegens die hij heeft verschoten ter presentie van den drossaard en betaald aan Capiteijn Dammale en sijn manschappen in dienst van de Coninck van Spangien, en dat om een refrissement te voorkomen 25-0-0

-       Aan Adriaan Wouters aan te betalen twee jaar interest van 350 gulden tot betaling van genoemde contributie geimplojeert tegen de penning 20 de som van 35-0-0

-       Aan Jan Jacob Langens rendant in dese wegens 2 jaar interest van een capitaal van 315 gulden capitaal voor betaling van de contributie vervallen augustus 1704 de som van 31-10-0

-       Aan de drost voor het afnemen van de rendanten haar eed als beurders  6-0-0

-       Aan de quartiersbode voor het brengen van de resolutie 1-7-8

-       Peter eijmbers voor 2 dagen vacatie en Jan Jacob met met van Breeij te liquideren., 4-0-0

-       Poulus Peters voor 3 dagen vacatie pm met van Breeij te rekenen, 3-0-0

-       11 juli 1705 president van gogh, Hr Kivit, Wouter Joppens, Jan Jacob Langens voor vacatie om in den Bosch met van Breeij te liquideren, 4-0-0

-       Den secretaris voor het schrijven van 2 extracten  en de resolutie met de zegels  om bij de Heer van Duersen gelt te halen, 2-8-0

Totaal 1736-8-0

Daarbij 2 ordonantien van genegotieerde penningen de ene van 350 gulden opgenomen van Arien Wouters en de andere 315 gulden opgenomen van Jan Jacob Langens, te samen makend de som van 2400-12-0, afgezet tegen de ontvangst van 2393-17-14, is er dus meer uitgegeven dan ontvangen, de som van 9-2-2.

Blijvende aan de rendanten gereserveert de restanten van de onvermoogende personen om daer op te delibereeren en te ordonneeren als naar behoren, als mede vanwege het verlaten land van Bemont.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin Kivit, Sijmen Diercx, Abraham van Mill, Wouter Joppen, Poulus Peters van Osch, Peter eijmbers van creijll.

In marge:10 september 1706  is op de overgegeven penningen van dese rekening ordonantie geslagen op de Heer van Mill en Roelof Wellens.

 

Blz 91 dd  21 februari 1705

Jan Jacob Langens en Lambert Jansen de Wert als collecteuren van de franse en spaande contributien, vanaf 15 mei 1703, worden geordonneert aanstonds te betalen aan Arien Wouters de som van 350 gulden, ter ordonnantie van D v Clootwijck secr.

Ondergeschreven: Adriaen Wouters verklaart betaald te zijn, merk Adriaan Wouters.

 

Blz  92/93/94 leeg

 

 

Blz 95 dd 21 februari 1705

Lambert Jansen de Wert , collecteur Franse en Spaanse contributien, vanag 15 mei 1702 tot 15 mei 1704, wordt geordonneert aanstonds t ebetalen aan Jan Jacob Langens de som van 300 gulden met rente, ter ordonnantie van D v Clootwijck secr

Ondergeschreven: Jan Jacob Langens verklaart betaald te zijn, dd 12 september 1712 (!), tekent Jan Jacob Langes.

 

Blz 96/97/98 leeg

 

Blz 99 dd 5 december 1704 copie

Schepenen en Heemraad Jan van der Ven verklaren dat de dopren van Alem, Maren, Kessel, hunne landerijen in de polder van het Leeghemaal na de tijt van 12 jaar na elkaar en ook nog tegenwoordig sodanigh zijn geinondeert geweest dat de gemeene ingelanden en ingesetenen daar van egeen e of de minste vruchten hebben gehad. Dit heeft de Staten Generaal er toe gebracht hen van alle ordinaire en extraordinaire verpondingen, bede en andere lasten voor enige jaren remissie te geven. Die van Nuland geven aan naast gelegen te zijn, verklaren dit ook gezien en ondervonden te hebben.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Wouter Joppen Baers, Peter eijmbers van Creijll, Jan Jansen van der Ven.

 

Blz 100 dd

Johannes Hesius, president tot Heesch en Aert Peters, aldaar schepen geweest, verklaren dat ettelijke jaren herwaarts de polderlanden onder Nuland sodanige door het overlopen van de rivier de Maas zijn geinondeert, dat de ingelanden daarvan geen profijt hebben gehad, hetgeen de Staten Generaal heeft bewogen hen remissie te verlenen van zekere lasten, zoals als de remissie voor de jaren 1700, 1701 en 1702 van de verpondingen, 5e verhogingen en bede over de buijtendijske landen bedragend per jaar 1252-7-0 gelijk. Zoals hen is gebleken bij het opmaken van de rekening in Den Bosch. Zij verklaren dat de polderlanden in 1703 ook nog geinondeert zijn dat ook daar weinig gewin van is gekomen, waarover ook remissie is aangevraagd bij de Staten Generaal. Verzoek is in handen van preserier Generaal Hop. Zij verklaren de geinondeerde landen met een schuijt te hebben gevisiteert en vonden dese midden in de zomer geinondeeert.

Tekenen: Johannes Hesius, Aert Peters, G Croon, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch.

 

Blz 101 dd  22 december 1704

Marieke dochter van wijlen Jan Peters van Kuringe, trouwde eerst met Jan Dircx van Rosmalen en ten tweede met Willem Teunisse van Roij is nu komen te overlijden.

Uit 1e huwelijk laat ze na drie minderjarige kinderen: Jan, Jenneke en Josep. Momboiren worden Jan Gurts van Osch en Erbert Jansen.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch

 

Blz 103 dd  22 december 1704

Questie tussen Aart Jansen de Wert aan de ene kant en aan de anders kant: Lambert Janse de Wert en Jan Jansen de Wert, broers, ivm het verdelen van de nagelaten goederen en schulden van de ouders. Tot scheidsrechter zijn benoemd: Roghmans, president, wonend Den Dungen en Notaris Willem Mans namens Aert de Wert en namens de anderen G Croon en Jacob van Gogh. Zo nodig mag er nog een super arbiter aangezocht worden in de persoon van Hr. en Mr. Evert Tullekens, griffier der stad Den Bosch.

Tekenen: merk Aert de Wert, merk Lambert Jansen de Wert, merk Jan Jansen de Wert, Martin. Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll.

 

Blz 104 dd  22 december 1704

Acte over costen van vertering door verscheijde partiesaens en haar manschappen van de Majestiet van Spanje tot Nuland.

-       de partiesaen Baltjaere met manschappen ten huijse van Cornelis van Coot de som van 15-14-0

-       op 25 oktober 1704 door de Heer Schevale Damale, capiteijn van de dragonders onder het regiment van de Heer Serra ten huise van Cornelis van Coot de som van 34-0-0

-       17 november 1704 door een Franse partij bij van Coot, ze quamen om refrissement te hebben de som van 8-0-0

Totaal 57-14-0

Tekenen: Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, sijmen Diercx, Wouter Joppen.

 

Blz 106 dd 23 december 1704

Schepenen verklaren dat de buijtendijkse landen ( bestaande uit hooi, wei en enige teullanden)  gelegen tussen de Somer dijck en de Agterdijck groot zijn 776 mergen en 228,5 roeij ( een mergen gerekent tegen 6 lopens), die samen in de verpondingen moeten betalen de som van 1043-12-11 gulden en ortjens gelt 13-12-0.

Tesamen voor het jaar 1703 de som van 1056-13-9 gulden.

De binnendijkse landen ( bestaande uit teullanden, enige beemden, en houtvelden) zijn groot 250 mergen en 200,5 roeije te betalen in de verpondingen de som van 732-7-5 gulden, oortjens geld 9-3-0, tesamen de som van 742-0-4.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen

 

Blz 107 dd 23 december 1704

Schepenen verklaren dat de buijtendijkse landen ( bestaande uit hooi, wei en enige teullanden)  gelegen tussen de Somer dijck en de Agterdijck groot zijn 726 mergen en een halve roeij ( een mergen gerekent tegen een lopens), die jaarlijks in de beede moeten betalen de som van 208-14-4 gulden en

De binnendijkse landen ( bestaande uit teullanden, enige beemden, en houtvelden) zijn groot 250 mergen en 200,5 roeije te betalen in de beede de som van 95-13-12 gulden.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen

 

Blz 108 dd 19 januari 1705

De erfgenamen de Wert hebben een questie en verschil over de nalatenschap, ze hebben door tussenkomst van arbiters (zie  blz 103) overeengekomen dat Aert de Wert sal renoncieren alle erfhaeve meubels en inboedel, alle gerede effecten, actien en crediten, dese zullen toekomen aan Jan en Lamert de Wert. Deze laatste 2 sullen tot haar lasten nemen om aan Marie van Amerongen te sullen aflossen en betalen het derde deel van Aert de Wert bedragende 600 gulden, dus 200 gulden. Het geld was gebruikt voor de aankoop van het genoemde huis dat door Aert de Wert wordt bewoond. Verder sullen ze aan hem 25 gulden betalen, verder het voldoen van alle lopende en passieve schulden tot laste van de genoemde boedel. De costen van verteringen to de dag van vandaag  in deze zaak gedaan bij Cornelis van Coot zullen ook door Jan en Lambert betaald worden. Elk sal de eigen arbiters moeten betalen.

Tekenen: merk Aert Janse de Wert, merk Lambert Jansen de Wert, merk Jan Jansen de Wert, G Croon, Martin. Kievit, Jacob van Gogh. J van Clootwijck loco secr.

 

Blz 110 dd 29 januari 1705 Deling de Wert

Deling van de goederen van Jan Aerts de Wert gehuwt met Jenneke Lambert Bogaers

Voor de kinderen: Aert, Lambert en Jan

Aan: Aert Jan Aert de Wert

- huis, hof en aangelegen land aan "Helsenhoeck" naast de erve van Jenneke Gerits Bijvelt zuid, Gemeente, noord, erve Antony emberts, west: gemeijnte van Nulant.

Hieruit: last van den uijtwegh noordwaarts neffens de hegh vant land van Antony Ermers. Gecomen van Hendrik Bogaers.

- 4 en een half hont hoijlant "achter opt Nulant": een einde middelste poldergraeff, ander einde: hoefdijck

- perceel "de seeven strepen"met den hijcamp daaraangelegen in "outvinckel"naast: de Vinckelse wetering zuid, Dirk Willem Vorstenbosch noord, Gemene Vinckelsestraat oost, erve Dirck Willems Vorstenbosch c.s.

- busselken in Loosbroek 1,5 vatsaet, naast erve: Antony Ermers zuid, Jan Jansen Bogaers c.s noord, erve Aert de Wert, erve Antony Cornelisse

- hooijbeemd in Loosbroek, 2 mergen in een meerdere camp met Tonis Cornelissen, belnd: zuid erve Antony Ermers, noord: weduwe Jaspert Jan Corsten, Heeschsteegh, Antony Ermers erve

Hieruit te vergelden:

- 4 vat rogge aan armen van Nulant

- 4 vat rogge aan groot gasthuis S:Bosch

- rente van 3 gulden aan H:Geest S:Bosch

- 15 gulden chijns aan Geert van den Berck te betalen

- 6 gulden pacht

Aan Lambert Janse de Wert

- huis, hof en ackerlant in Out vinckel naast: gemeene straet oost, erve Jan Adriaans de Jonge west, gemeene straet zuid, erve gecomen van Weduwe Peter van Lith noord.

- eerste streep in "de hoeve", naast: erve gecomen van Weduwe Peter van Lith en Jan Ariens, zuid, erve gecomen van weduwe Pter Jacobs noord, Joost Hendricx oost, erve Baron van Mombeeck noord.

- streep in "de Hoeve" gelegen tussen: erve weduwe Peter van Lit,  baron van Mombeeck zuid, oost: acker de Crommenhoeck", erve peter van Lith west.

- derde streep in de Hoeve, mede in Vinckel gelegen, naast: erve zuid en noord weduwe Peter van Lith, oost: "Crommenacker", Hijcamp gecomen van Jan Art de Wert west

- een hijcamp so groot als selve affgegraven lijt in Vinckel naast: erve Jan Adriaens de Jongh zuid, erve gecomen van Peter van Lit noord, erve Lambert de Wert, erve Hr Baron van Mombeeck.

- een acker lants "Den Crommenhoeck" mede in vinckel, naast: erve Baron van Mombeeck bovennaast, erve Peter van Lith benedennaast, erve Joost Hendricx Haenegraeff, erve Baron van Mombeeck, met een uijtweg over de erve van Joost Hendricx en de erve weduwe Peter van Lit.

Hieruit te vergelden:

- Aan Rentmeester van de Domeinen chijns van ouds daer toe staande

- 6 gulden aan kerk van geffen

- betalen aan weduwe Peter van Lit, zoals overeengekomen

Aan Jan Jansen de Wert:

- huis en hoff te Vinkel bij coop gecomen van de weduwe Peter van Lit, belend: erve Joost Handericx zuid en Hr Baron van Mombeeck noord, Gemeijne straet, erve gecomen van weduwe Peter van Lit.

- acker lants gelegen tussen: erve Lambert de Wert zuid, Joost Hendricx noord, erve baron van Mombeeck oost, erve Jan Jan adriaens de Jongh west,

- acker lants "het Steckvelt" in Vinkel gelegen naast: erve Jan Artse voornoemd zuid, Lambert zijn broeder noord, Joost Hendricx oost, erve jan jan adriaens west.

- den 2e streep in de hoeve in Vinkel gelegen, naast erve: lamberts de wert zuid, idem noord, Joost hendricx oost, Hr. Baron van Mombeeck west.

- den 4e streep aldaar, naast erve lambert de wert zuid en noord, oost erve lambert de wert, west idem.

- den 6e streep aldaar in de hoeve, naast: erve lambert de wert oost en zuid baron van Mombeeck noord, Jan de Wert west.

- Hijcamp tijnde de voornoemde strepen naast: erve lambert de Wert, Baron van Mombeeck, voornoemde strepen, Baron van Mombeeck.

Genoemd wordt nog dat het goet gecomen is van de weduwe Peter van Lith.

Tekenen: merk Aert Janse de Wert, merk Lambert Jansen de Wert, merk Jan Jansen de Wert, G Croon, Martin. Kievit, Jacob van Gogh, j van Clootwijck loco secr.

 

Blz  121 dd  24 januari 1705

Compareert Jurrien Everdingh, vorster van Nulant, die verklaart ter instantie van drossaard Croon als obtinent van de vonisse en tauxaet van costen tot laste van de schepenen en regenten van het Heeseijndt ter saecke van schouwkosten wegens de Heerbaen op het lanckvelt, onder Nuland gelegen geresen naar voorgaande sommatie en renovatie bij edict gedaan, waarvan de copij bij besloten missieve  aan de vrouw van Adriaan Wouters als schepen van het Heeseijndt overmits niet thuis hebben toegesonden, in arrest genomen te hebben het gerechte 1/3 deel van de gemeente die de ingesetene vant Heeseijndt met die van Nuland gemeen hebben ende gebruikende, om daarvan de kosten ten bedrage van 296-18-14 te verhalen.

Tekenen: G Croon, J Everdinck, Jacob van Gogh, Martin Kievit.

 

Blz 123 dd 29 januari 1705

Drossard en schepenen verklaren dat op 17 november 1704 voor de middag een Franse partij ten huijse van Cornelis van Coot heeft gerefrisseert en na de middag de Heer Marcus Cleeffords Capiteijn van een compagnie dragonders ten dienste van deser lande conschap van genoemde Franse en Spaanse partijen hebbende haar met een partij soldaten uit het garnoseon te Den Bosch, tot alhier heeft vervolgt en met een partij gerefrisseert hebbende, soodanighe goede ordre soo voor zichzelve als sijne bijhebbende manschappen heeft gehouden, dat wij egeene des minste redenen des wegens van misnoegens zijn hebbende.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen

 

Blz 124 dd 29 januari 1705

Compareert Willem Tonissen van Roeij, ou schepen en Hendrik Tomissen, inwoners van Nuland, die ter instantie van Jan Gielen Pels in qualiteit als aannemer van het ordinaris repareren en onderhouden van den Achterdijck ….tot 22 mergen hoeijland vant Convent van de Clarissen onder de HH gelegen, dat de genoemde Achterdijck in het somer saijsoen1703 door het hoge water door quaataardige geinteresseerden mesnchen tot twee distincte reijsen omtrent de langste van de roeije, iedere roeij gerekent op 20 voeten Bossche maat, tot op de diepte van 3 a 4 dalf vervolt onbegreepen is doorgesteecken. Dit doorsteken heeft de aannemers op kosten gejaagd, vanwege hout dat ertoe gebruikt werd, voor een bedrag van 26-10-0.

Tekenen: G Croon, Martin Kievit, Peter Eijmbers van Creijll, Willem Tonissen van Roeij, Handerick Tomussen.

 

Blz  125 dd 29 januari 1705    erfdeling van Rooij, copie

Compareren

- Erken Tonissen van Roij, weduwe Jan Willems van Boxtel, met asisstentie van halfbroer Peter Jansen van Uden en haar gekozen momboir.

- Willem Tunnissen van Rooij.

- Willem Claesse, man en momboir van Jenneke Teunissen van Roij

Betreft de erfdeling van de goederen van Willem Gerits van Roeij en Jenneke Peter Adriaens, hun grootvader en grootmoeder

Aan Erken Tonissen van Roij:

-       hoff teullands groot 2 lopens en 35 roeije, gelegen in de polder van de Wolfsdijk binnen dese HH, bovennaast erve Convent van Couwater, benedennaast Matijs van Creijl c.s., schietende zuidwaarts met de ene einde van de gemene straat tot op erve Dirck Clasen van Heesch c.s., noordwaarts

-       ½ van vier datvier (?)  mergen hooijlants  int sevenvierendeel ongedeelt met Jan Peter Deelissen (?) c.s. bovennaast de Heer Vloots, benedennaast Jan van der Ven c.s., strekkende van de Hoefdijck zuidwaarts tot op erve van de Heer Cornel Ruijs noordwaarts,

-       5 hont weiland ter plaatse opt Kerkenhoog, bovennaast de armen tot Nuland, benedennaast Handerske weduwe Jan hendrick Sijmens, schietende van de Nulandse straat zuidwaarts tot op noordwaarts den Hoogenwegh

-       2,5 hont weiland aldaar, bovennaast niet ingevuld, benedennaast Handerske weduwe Jan Hendrik Sijmens, schietende van ene einde zuidwaarts Arien Fransse Hoefs tot op de Hogenwegh noordwaarts.

Te vergelden aan de armen van Nuland 2 rentjens van ieder 2-10-0 gulden, idem aan Erken Wouters ook 2-10-0, te lossen met 50 gulden capitaal,

Aan Willem Tonissen van Roeij:

-       acker teullands genaamd Gijpenhof, gelegen op de Wolfsdijck, bovennaast Jan van der Ven de Jonge, benedennaast Hr drossaard Croon, schietende zuidwaarts van de Boschdijkstraat, tot op noord de erve Jacob van Gogh,

-       8,5 hont hooiland in den empelschen Camp, groot 5 mergen, ter plaatse in de Corte Hoeve, ongedeelt, bovennaast Juffrouw Ruijs, benedennaast Jan Bouwens c.s., schietenden van het ene eind van het convent van de predikheeren zuidwaarts tot op noordwaarts de achterdijck,

Aan Jenneke Tonissen van Roij:

-       een hoff lands genaamd den Boeren Joncker Hoff, groot 4 lopens en 29 roeijen, in de polder van de Wolfsdijck, zuidwaarts de erve Merike weduwe Peter Jan Clasen, noordwaarts Jacob van Gogh, oost erve Jacob van Gogh, west de gemene straat.

-       8.5 hont hooijland in een meerdere camp van 5 mergen inde Corte Hoeve, bovennaast erve Juffr. Ruijs c.s., Benedennaast Jan Bouwens c.s., schietende zuid van het convent van de predikheeren, tot op de Achterdijck

Tekenen: merk erken weduwe Jan Willems van Boxtel, Willem Tuniissen van Roeij, Willem Claessen, G Croon, Jacob van Gogh, Martin,. Kievit.

 

Blz 131 dd 31 januari 1705

G Croon, drossaard, Martinus Kivit, sijmon Diercx, Wouter Joppen Baers, Peter eijmbers, Poulus Peters van Osch, schepenen, Jan van der Ven, Jan Lambers van Boxtel, Peter Jansen van Uden, borgemeesters, Cornelis van Coot kerkmeester, Willem Claessen Armmeester, beloven binnen 2 a 3 maanden aan de Heer  Ignatius van Bree te Den Bosch de achterstand in contributie die wij aan de majestijt van Vranckrijck en Spangje zijn verschuldigd, vanaf de tijd dat hij kan aantonen bij quitantie van de Heer ontvanger Dury te Antwerpen voorgeschoten en betaald te hebben.

Tekenen: G Croon, Martin Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen Baers, Jan Jansen van der Ven, Cornelis van Coot, Willem Claessen,

 

Blz 132 dd 8 februari 1705

G. Croon, drossaard, Martinus Kivit, sijmon Diercx, Wouter Joppen Baers, schepenen, Jan van der Ven den ouden, Jan Lambers van Boxtel, Peter Jansen van Uden, Jacob Jan Timmers, borgemeesters, Cornelis van Coot en Hendrik van Putten, kerkmeesters, Hendriok Mercksu en Willem Claessen Armmeesters, Willem Jan Huijbers en Jan Jansen quack gesworene, verder Jan Jacob Langens, Lambert Janse de Wert, Corstiaen Gerits Bijvelt, Jan Jansen van Lith, Hendrik Fransse van Bergen, Aert Adams, Jan van Deursen, Adriaan Geerits, Antony Nelissen, Tunnis Arien Martens, Handrik Handricx Hanegraaf, Aert de Wert, Jacob Gijsbers, Hendrik van Alest, Marie Jan Aart de Mulder, Antony Ermers, Sijke weduwe Willem Emons, Jan van der Poll, Willem Tunissen van roij, Tunnis Tunisse Schonck, Handerske weduwe Jan Hendrik Sijmens, Handerske Weduwe Bastiaan van Roij, Arien Melten, Hendrik Melten, Claas Jan Huijbers, Matijs van Crijl, Willem Vostenbosch, Ariaen Frans Hoeffs, Gijsbert Wellens, Roelof Wellens, Handrik Handrick de Bie, Jan van der Ven de Jonge, Claes van Boeckel, Lindert Willems, Geerit Broere, alle inwoners en geerfden van Nuland, machtigen Jan Huijbers van Erp als collecteur van de Franse en Spaanse contributien eindigend op 15 mei 1705, , om samen met Poulus Peters van Osch en Peter eijmbers van Crijl in Den Bosch om een bedrag van 800 gulden op te nemen, waarvoor onse president Jacob van Gogh door de militaire hand is gehaald en tot Antwerpen zit gedetineerd

Tekenen: G Croon, Martinus Kivit, Sijmon Diercx, Wouter Joppen Baers,, Jan van der Ven den ouden, Jan Lambers van Boxtel, Peter Jansen van Uden, Jacob Jan Timmers, Cornelis van Coot en Hendrik van Putten, Hendriok Merckus en Willem Claessen, Willem Jansen en merk Jan Jansen Jan Jacob Langens, merk Lambert Janse de Wert, Corstiaen Gerits Bijvelt, Jan Jansen van Lith, Hendrik Fransse van Bergen, Aert Adams, merk Jan van Deursen, Adriaan Geerits, Antony Cornelissen, merk Willemken Jansen de Wert, merk Handrik de Bie, Handerske Jan Hendrik, Handerske Bastiaan van Roij, Matijs van Crijl, Willem Vostenbosch, Claas Huijpers, Gijsbert Wellens, Gerard Jansen de Mulder in absentie van Arien Jan Melten, merk Jan de Smidt, merk Jan Paulsen, merk Jacob Josten, merk Haersken van Gogh, merk Marie Gerit Bosch, Ariaen Frans Hoeffs, Th. Lemminck, merk van Willem Claessen, merk Erpert Jansen,  merk Tonis Tonissen, merk Marie Jansen van Heesch, merk elsken Bastiaans, merk Tuijn Hermens, merk Elske Tonis Aarts, Hendrik Jan Melten, Klaas van Erp, merk van Huijbert Claessen van Heesch, merk Sijke Willems van Vlijmen, Ariaen Faessen, Dirck Jansen Boxel, Jan Jansen van der Ven de Jonge, Peeter Vos, Roelof Wellens, merk Claes Jansen, merk Gerit Bastiaans ( = Broere) , Handrick Poulussen, merk Jan Martens, merk Rut Geerits, Hendrik Jansen van den Dungen, merk Aert de Wert, Jan Jansen, Antony Ermers van Nulant, merk Lindert Willems van Boeckel, Willem Tunissen van roij, Jan van der Poll, Tunnis Adrien Martens, merk  Handrik Handricx, merk Hendrik van der Aelst, merk Jacob Gijsbers,

 

Blz 137 dd 16 februari 1705

Compareert Juffr. Barbara Anna van Clootwijck geboren Keurbeeck, is in leven, in kennisse der waarheijd.

Tekenen: Barbara Anna van Clootwijck geboren Carbeeck, Mart. Kiviet, Paulus Peters van Osch.

 

Blz 138 dd  28 februari 1705

Compareren Lijske, weduwe Joris Tunisse aan de ene kant en Jacob Gijsbers, gehuwd geweest met wijlen Jenneke, eerder weduwe van Dirck van der Donck en dochter van Lijske Joris Tunisse. Genoemd verder Jan Dircx van der Donck en Marieke Dircx van der Donck, geassisteerd door naaste vrienden: Tonis Jorisse en Jan Handricx. Betreft een te niet doen van een contract van 26 januari 1698. Jacob Gijsbers ziet af van alle rechten voor 300 gulden met een coppel schapen en een Sock volle (= veulen ?) , out te Mei een jaar, met de beste Coets en een bet, met sijn toebehoort , met de gardijnen die voor de Coets hangen, verder sal Lijske alle schult tot nu toe moeten betalen.

Tekenen: D. van Clootwijck, Jacob van Gogh, Mart. Kievit

 

Blz 140 dd  5 maart 1705

Compareert Willem Jansen, 45 jaar, president van Geffen, ondervraging over een schuld van Dirck Clootwijck, zijn huis te Rosmalen. Willem verklaart op 9 februari 1705 bij de Stadthouder Dirck van Clootwijck aan sijn  huis te Rosmalen te sijn gekomen met Aelbert Claasse, wonend te Den Bosch, op verzoek van Alebert Claesse en Roelof van der Pol. Ze spraken over een obligatie van 100 gulden belooft door Aelbert Claessen te betalen aan Arien Faessen, waarover de stadhoudter met hem uitvoperig had gesproken tijdens het binnen komen. Vraag: of een van de bezoekers de stadhouder verzocht had om  de calangie des wegen bij preventie te willen doen, en of hij dat had afgeslagen en aanbood met hen naar Nulkand te gaan om de zaak in de minne te schikken?

Willem verklaart daarover niet met de stadhouder gesproken te hebben, maar wel van hem hoorde dat Aelbert Clasen en meer anderen de dag tevoren daar over gesproken hadden. De stadhouder vond het niet raadzaam en volgens Willem stemde Aelbert toe. De anderen wilden ook wel naar Nuland om de zaak te schikken.

Willem verklaart niet met de stadhouder richting Nuland te zijn gegaan tot het huis van Adriaen van der Horst waar Willem sprak met Aelbert Claessen.

Willem verklaart dat Aelbert aent huijs van de stadthouder tegen hem zij en onmiddellijk verzocht om met Giele van der Pol naar Den Bosch te gaan naar een advocaat. Hem wordt gevraagd of hij op zaterdag 14 februari met zijn broer Jan Jansen den ouden en ene Gerrit Claessen met de genoemde Aelbert Claessen met het sluijten van de poort  uijt de stad Den Bosch zijn gegaan, bij hen wesende ene Tomus Joosten van Heesch, soldaat onder het regiment van de Walen, in garniseon te Den Bosch, bij genoemde aelbert Claesse ingekwartiert en daarvoor als knefgt gewoond bij Heer Lemmingh?

Willem verklaart dat Geerit Clasen bij het gaan uit de stad is gegaan voor bij het huijs van Gerrit van Wageningen sonder Tomus Joosten of Aelbert Claesse gezien te hebben.

Willem verklaart met Aelbert Claesse gesproken te hebben over de boete.

Tekenen: J v Clootwijck sub secr. Martin Kievit, Poulus Peters van Osch.

 

Blz  143 dd 7 maart 1705

Ondervraging Jan Jansen Quack de Ouden, oud ca. 32/33 jaar. Gevraagd of hij zaterdag 14 februari met sijn borer Willem Jansen tot Den Bosch is geweest? Jan denkt van wel, al weet hij het niet precies. S avonds weer naar huijs, maar hij weet niet meer hoe laat vanwege “sijne onbequamheijt van den Dronck”. Of Gerrit Claesse bij zijn broer Willem was? Hij zegt van wel, maar komend bij het huijs van Geerit van Wageningen zei “daar gaat Geerit Claesse”, die ging de boterwegh in. Hij evrklaart amper met Gerrit Clasen gesproken te hebben.

Tekenen: Jan Jansen Quack, Jacob van Gogh, Martin, Kiviet.

 

Blz 145 dd  

Ondervraging Hendrik Thomissen, oud “in de 50 jaren 1 a 2 onbegrepen”. Ter instantie van Gerard Croon  

1)    of in het jaar 1702 Hendrik Hanegraaf wonend in Vinkel onder Nuland niet een coppel grauwe hanen heeft vereert en gebracht aan de drossaard Croon, waarvan hetene was een krijgel haantje met corte beene. Hendrik beaamt dit.

2)    Of deselve hanen verslooten wesende en verstaan hebbende dat sij waren ten huijse van Gerit en Aelbert Claessen? Hendrikz egt dat de hanen eerst bij Dries Jan Cheelen waren geweest en de selve bij hem thuis gebracht wesende, naderhant kwamen ze aan het huis van Gerit en Aelbert Claassen.

3)    Of hjij niet daar naar toe is gegaan en haar heeft gevraagt off de selve hoenderen aldaar waren aangekomen, en haar had geveaagd waarom ze daar niet waren, en waarom zij dat niet wist. Hendrik zei dat hij naar het huis is gegaan waar de meijt thuis was en zei dat de hanen er wel waren geweest maar allangh weer weg waren.

4)    Of hij niet van de meijt, Lijneke Jansen, gehoord had dat Aelbert Claesse de hanen of hoenderen had opgevangen en gebrocht naar Rosmalen bij Juffr. Clootwijck die hij een koppel hoenderen schuldig was. Hendrik beaamt dit.

5)    Of hij, wonende bij de requirant,  op zaterdag avond 14 februari niet naar het huis van Heer van Coot is gegaan om gemelte requirant met den lantaarn thuis te halen. Hendrik beaamt dit.

6)    Of hij op de kelderkamer bij de drossaard niet heeft gevonden ene Aelbert Claessen ende Willem Claessen zijn broeder met meer anderen? Hendrik beaamt dit

7)    Of hij niet met de wijnkoop heeft helpe drinken wegens zeker accoord tussen Aelbert Claesse wegens fronde van Segel met den drossaart gemaakt ende tot 36 gulden betaald? Hendrik beaamt dit maar wist niet wat er precies beklonken was.

8)    Off Aelbert Claesse om tijt te winne sijn goet op de Wolfsdijk gelegen niet an sijnen broeder Willem Claessen heeft gereght met presentatie dat sij ider een makelaar soude kiesen om het accoord op approbatie van sijnen broeder Gerrit Claesse te sluijten? Hendrik beaamt dit.

9)    Ende daarin overkomen wesende off Aelbert Claessen niet heeft geeligeert den voorn. Drost Croon en Willem Claessen, Jan Crol, ende de uitspraak gedaan vresende en dat op dagh van beraets? Hendrik beaamt dit gehoord te hebben.

10) Off genoemde Willem Claessen ende Huibert Janse van Boekelt sijnde de kneght van Heer van Coot, niet met de drost waren versproken om met hem den eerste naar sijn huijs ende den laatsten naar een spinningh bij Willem Jan Huijbers te gaan? Hendrik: Aelbert Claessen werd geeligeert tot maeklaar door Croon, en Willem Claessen heeft Jan Seelen tot sijn makelaar gemaakt ende de uitspraak gedaan wesende is dagh van beraaet genomen op Vastenavond.

11) Off hij niet gesien heeft dat Aelbert niet meer gelt als besproken wilde geven tot wijncoop en off hij hem niet verscheijde keren van de kamer zag gaan  seggende dat hij meer moest pissen als hij gedronken had? Hendrik beaamt dit.

12) Of hij omtrent de klok van 10 uur de lantaarn ontstoken hebbend niet uit het genoemde huis is vertrocken en omtrent den haspel van het kerkhof gecomen ziende dat Willem Claessen en Huijbert Jansen voornoemden niet en volgden? Hendrik beaamt dit.

13) Of hij op ordre van de requirant niet wederom terug naar de kelderkamer is gegaan seggende dat ick haar ter plaats voornoemd kerkhoffront en waechte. Hendrik geeft aan tegen Willem Claesse gezegd te hebben dat Croon bij het front van het kerkhof wachte

14) Off Willem Claessen haar niet op de stoel ter neder trok en niet wilde laten vertrekken? Hendrik beaamt dit

15) Off hij aan den requirant rapport gedaan had niet alleen met de lantaarn is geaan door de weijde genoemd de Coppel, en vandaar gecomen wesende de inseele erfsteegsken tegens de camp van het convent van de wintmolenbergh? Hendrik beaamt dit

16) Off hij niet een swaere slagh hoorde en de requirant voor doot ter neder viel en dat de persoon niet beter wetende dat het Gerit Claessen broer van genoemde Aelbert Claessen hem ook toe vloog om hem ter neder te slaan, hetgeen hij met sijn linkerarm afhoudde waardoor de lantaarn uit zijn hand in stukken was geslagen? Hendrik beaamt het wel al zegt hij dat het donker was en de aanvallers niet herkende.

17) Off hij nadoien niet zijn best is gaan lopen? Hendrik beaamt dit

18) Off hij niet door Geerit Claessen nog een stuk na is gelopen en met een stuk hout op de rug werd geslagen? Ook hierbij weet Hendrik niet te zeggen wie zijn belager was.

19) Off hij niet naar het huis van Willem Jan huijbers is gegaan en om hulp gevraagd heeft voor de neergeslagen requirant? Ook dit beaamt Hendrik

20) Off hij niet Willem Jan Huijbers met een gavel en reik terug is gegaan en daar de belagers heeft zien staan in de duisternis? Hendrik zegt niemand gezien te hebben door de duisternis.

21) Off ze beijden niet de Heer Requirant ten ene male van sijn selve lagh en de broek met beurse en sacke voor meer dan de helft vant lijf was gesneden, hem hebben opgenomen en naar huis gebracht? Hetgeen zo geschied is aldus Hendrik.

Tekenen: Hendrik Tomassen, Jacob van Gogh, Martin Kievit

 

Blz  151 dd

Compareert Adriaen Faessen verklaart dat hij, gehuwd met Jenneke van der Pol,  op 5 februari 1705,  betreft afrekeing met Albert Claasse de Wit, gehuwd met Marie van der Pol i.v.m. kooppeningen van een huijs aen Heijlsenhoek, verkocht aan de genoemde Marie van der Pol enige jaren geleden onbegrepen verkogt voor de som van….. acte niet afgemaakt

 

Blz 152 dd 29 maart 1705  copie

Schepenen verklaren dat "sinds 1678 toen de kerkgoederen door Heijmerick van Heesch zijn geevinceert ende verkoght, de Raad van Staten op verzoek van de kerkmeesters bij het selve verzoek gedaan, de Heer van Deurne van tijt tot tijt hebben gelieven te ordonneeren een som van penningen aan de kerkmeesters om de buick van de genoemde kerk te kunnen repareren. Uit consideratie dat dat het gemeene land alen de grootte en cleijne clamptiende van nuland gehorende aan het Capitel van de St Jan toit Den Bosch sijn trekkende  t sedert welke tijt de gemeente van Nuland, ook hebben moeten betalen gelijck sij alnogh sijn doende de reparatie van den toornklocken, uurwerck. De kosten werden gehaald uit de inkomsten van de kerkgoederen tot deze verkocht werden. Verder is er de inundatie van de landerijen  en doorbreeken van dijken de goederen toebehorend meesten tijds sijn geinundeert geweest, dat daarvan niet de dorps en landslasten betaald kunnen worden, “veel min de rente tot in de 70 gulden, jaarlijks  daar deselve goederen mede waren belast,  soo dat de kerkmeesters daar over te Den Bosch gegijselt sijndemet goet vinden van de Heer van Nuland, en regenten met den prediekant genootzaakt sijn geweest van de selve goederen handtlichting te doen.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Abraham van Mill, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen Baers,

 

Blz  154 dd  1 april 1705

Er werd een huis gekocht op de Cloot te Orthen door Aswerius van de Grint te Orthen van de kinderen Goijert van den Dungen, nu compareren Claas Martens van Swaensbergen en Marten zijn vader, als naaste bloedverwanten van de kinderen van Goyert van den Dungen, die verklaren te cedeeren en transporteren aan Aswerius van der Grint sijn recht van vernaderinge van het genoemde huis en land, gelovende voor goet vast ende van waarde te sullen houden allent geene deselve des noods daar inne  sal coomen te doen off te handelen.

Tekent: G Croon, Jacob van Gogh.

 

Blz  155 dd 5 april 1704

Schepenen getuijgen dat deBuitendijksland in Nulandse polder:

1)    Sevenvierdeel tot den Heuvelcamp toe sijn groot 42 mergen: jaarlijks verpondingen per mergen: 1,15. Te samen: 73-10-0

2)    Land in Seven vierdel tot Gemeijne hoeve groot 43 nergen per mergen: 1-7-4, samen: 58-11-12.

3)    Gemeene Hoeve 71 mergen en 3 hondt, per mergen 1-3-4, samen: 83-2-6

4)    Corte Hoeve 70 mergen, 2 hont: per mergen: 1-3-4, samen: 81-15-4

5)    Wijlanden genaamd "de Doncken" 33 mergen, 3 en een half hont per mergen: 1-2, te samen: 36-19-0

6)    Campen "over den Hoogen Wegh" 16 mergen, per mergen: 1-1-0. Samen: 17-0-0

7)    Groot Hoogh tot den Kerkdijck, 76 mergen 2 hont, per mergen 18 stuijvers, 12 penn, samen: 71-12-4

8)    Elstcampen: 59 mergen, 2 hont: per mergen: 16-4. Tesamen: 47-9-0

9)    Voorst en Middelst en Achterst Nulant: 205 mergen, per mergen: 1-5-4, te samen: 258-19-4.

10) Polder van de Elsbosch, 46 mergen: te samen: 37-11-14

11) Buitendijkse teullanden: 475 lopens en 8 en een half roeije: te samen: 285-6-11

Alles te samen: hooi-, wei-, teulland: 1052-7-4 uit het verpondingsboek.

Zo ist nagesien uit het verpondingsboek door de schepenen

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Abraham van Mill, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen Baers.

 

Blz 157 dd 11 april 1705  copie

Questie tussen Peter Hendricx Bijvelt J:M en Maria Jan Willem Adriaens, J:D. Ze hebben bij den ander een kind geprocureert genaamd: Hendrik Peters. Om proces kosten te voorkomen volgt een accoord. Maria wordt geassisteerd door Jan Gielen Jansen, zwager en Jan Hendricx, neef. Peter belloft het kind te sullen opvoeden, onderhouden en laten leeren,  soo en gelijck een  vader sijne wettiege kinderen schuldigh en gehouden is te doen. Blijft hij in gebreke dan kan Maria het kind elders in de kost doen, tot last van Peter Hendriks Bijvelt. Bij een huwelijk van Peter moet hij het kind een gelijk erfdeel geven. Verder zal hij aan Maria binnen 8 dagen 250 gulden betalen, en bij het sluijte dese 10 gulden spellegelt. Maria verklaart hiermee dat haar craemcosten, en dotering vanwege haar defloratie voldaan te sijn en stelt hem op vrije voeten te trouwen met haar of een ander. Mocht het kind binnen 10 jaar komen te overlijden dan zal aan Maria 25 gulden betaald moeten worden.

Tekenen: G Croon, Abraham van Mill,

In marge: 25 april 1705, verklaring dat Maria betaald is van het spelle gelt en de 250 gulden voor haar defloratie. Tekent merk Maria Jan willems.

 

Blz  160 dd  15 april 1705

Schepenen verklaren vandaag yer instantie van Gielen Pels, als opsiender van de Agterdijck  van 13 hondt weijland gelegen in de gemene Hoeve, oinder Nuland, competerend het capitel van St Jan, en ondervonden dat de dijk 33 voeten lanck en deurgaans 3 voeten diep door quade en boosaardige mensen is doorgesteecken, hetgeen per voet zeker 12 stuijvers, tesamen 21-12-0.

Tekenen: Abraham van Mil, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 162 dd 17 april 1705

Condities waaronder 3 karren van een goede huijf voorzien met 3 paarden  bestelt worden voor Veldmaarschalk Hr. Van Ouwerkerck, tevens 5 peijoniers  met een leegh part en treckgetuijgh, om zich alle uren gereed te houden op ordre van de regenten te marcheren in dienst van het land.

Binnen 8 dagen na terugkomst, met een goede rekening, zullen ze door de borgemeesters betaald krijgen voor hun diensten. De paarden en karren zullken voor vertrek getaxeerd worden, mochten ze in handen van de vijant vallen, de aannamers moeten goede karren en paarden leveren zouden er onderweg kosten aan komen dan zij deze voor de aannemers, zo ook als er andere paarden en karren in plaats verworven moeten worden.

-       1e kar aangenomen door Mathijs van Crijl voor 7-8-0 per dag, ook nog 2 paarden voor 4-3-0.

-       2e kar aangenomen door Dries Gijsbers van Grinsven voor 7-4-0, gemijnt door Poulus Peters van Osch voor 3-17-0

-       3e kar aangenomen door Jan Poulusse voor 7-3-0 per dag, gemijnt door hem voor 3-15-0

-       Treckpert met trek gereedschap  aangenomen door Poulus Peters van Osch voor 2-4-0 per dag

-       Eerste pieonier aangenomen door Mathijs van Crijl 1-4-0 per dag.

-       Idem Poulus Peters van Osch voor 1-3-0

-       Idem Jan Tunissen van Houtingh voor 1-2-0

-       Idem Poulus Peters van Osch voor 1-1-0

-       Idem Arien Faessen voor 1-0-0

Acte is niet ondertekent.

 

Blz  165 dd  28 april 1705

Schepenen verklaren dat de parochie en dorp van Rosmalen westwaarts naast onse jurisdictie gelegen dat alle militaire troepen van Den Bosch naar de Graeff en omgekeerd moeten marcheeren twee uur door moeten marcheeren waar van de ingesetenen veel dickwijls schade en overlast connen te lijden. Vaak waren er militaire troepen ingekwartiert, vaak met pressingen van paarden en karren om de bagasie en krancken te vervoeren, verder zijn ze in 1703 seer swaerlijk belast met een kampement van ettelijke duizende manschappen en paarden die onder het commando van de Heer Graeff van Albemar le omtrent het convent vant clooster van Couwater om een consiederaal convoij te doen hebben, gecampeert en gestaan. Verder dat wij op dezelfde tijd vermits gebrek van subsistantie van fouderagie op ordre van gemelten Graeff van Albemarle, aan de troepen hebben moeten leveren 20 karren hooij, bovende de costen van transport.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz 166 dd 6 mei 1705

Schepenen machtigen Jan Lambers van Boxtel en peter Jansen van Uden, borgemeesters van Nuland, om 100 gulden op te nemen om gemeente schulden mee te betalen, en “om te verschonen de onnoselen die nog niet in staat en zijn om haar schulden zo pront te voldoen”.

Tekent G Croon, Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Abraham van Mill, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijll, Sijmen Diercx, Wouter Joppen Baers, Peter Jansen van Uden.

Onderschrift: 27 januari 1717 is dese procuratie ingelevert omdat de penningen voldaan waren.

Tekent: J v Clootwijk loco secr.

 

Blz  168 dd 1 mei 1705

Condities waaronder de schepenen voor de minste penningen bestellen

-       350 raetsions hooij, elke met een kruijsbant gebonden wegende 15 pont

-       1000 bosse stroij, naar gewoon gewicht van dakstroij

-       300 piquetpalen met lengte van 6 voet, en voor de borstdick eenen span en twee duijm

-       300 leverbare mutsers

Alles moet om 8 uur klaar staan om vervoerd te worden. Te leveren aan de Cappel van Nistelrooij.

-       Willem Vorstenbosch 42 raetsions hoi voor 2-14

-       Hendrick de Bie aangenomen 42 raetsions hoi voor 2-14

-       Jan van der Horst 42 raetsions hoi voor 2-17

-       Jan Jacob Langens 84 Raetsions voor 6-0-0

-       Jacob van Gogh 84 Raetsions voor 6-0-0

-       Willem Vorstenbosch 56 raetsions hoi voor 4-8-0

-       Willem Jan Huijbers 400 bosse strooij voor 4-8-0

-       Willem Vorstenbosch 600 bosse stroiij voor 6-15-0

-       Willem Vorstenbosch 25 piquet palen voor 14 stuijvers

-       Hendrick de Bie idem voor 0-13-8

-       Jan Peter Tijssen 25 palen voor 0-13-8

-       Hendrick de Bie idem voor 0-13-8

-       Jan Peter Tijssen 50 palen voor 1-6-8

-       Den drost voor 50 palen 1-8-0

-       Peter jansen van Uden 50 palen voor 1-7-0

-       Idem voor 1-17-0

-       Jan Peter Sighmans 3 vimmen rijshout voor 4-10-0

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch

 

 

Blz  171 dd 6 mei 1705, acte is doorgestreept

Volmagt door de schepenen aan Jan Lambers van Boxtel en Peter Jansen van Uden, borgemeesters van Nuland, om 100 gulden op te nemen om gemeente schulden mee te betalen, en “om te verschonen de onnoselen die nog niet in staat en zijn om haar schulden zo pront te voldoen”.

Tekent: J v Clootwijk loco secr.

 

Blz 173/174 leeg

 

Blz 175 dd 5 mei 1705

Compareert Lambert soone Zepert Weijgergancx, meerderjarige jongeman van Berlicum, geassisteert het Zepert Dircx weijgergancx sijen vader, bruidegom aan de ene kant en Sijke dochter Jacob Langens, weduwe van Willem Emons van Vlijmen, geassisteerd met Jan Jaocb Langens, haar broer, bruid aan de andere kant. Maken een huwelijkscontract met elkaar. Er is een voorkind van Sijke: Willem soone Willem Emons van Vlijmen.

Tekenen: Lambert Sepen Weijgergans, merk van Sijke weduwe Willem Emons van Vlijmen, merk Sepert Weijgergancx, Jan Jacob Langes, G Croon, Jacob van Gogh, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 178 dd 7 mei 1705

Schepenen geven eenvolmagt aan Jan Jansen van de Ven, borgemeester alhier om een som van 250 gulden op te nemen wegens de gemeenten schulden.

Tekenen: G Croon, Poulus Peters van Osch, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx, Martin. Kievit, Wouter Joppen Baers, Abraham van Mill, Peter Eijmbers van Creijl, Jan Jansen van der Ven.

 

Blz  179 dd 11 mei 1705

Huis en 1/5 deel in "een hoeve lants" in beslag genomen van wijlen Jan Jan Adriaens de Jonge, tot duidelijk is wie moet betalen, i.v.m. betalen van een bede van 20 Penn.

Betreft Rooijpoortse Hoeve in Out Vinckel onder Nuland. Huis was op 29 april 1705 in bezit van wijlen Jan Jan Adriaan de Jongh, die het getransporteerd kreeg van zijn oom Hendrick Adriaens, die niet de 40e penninge betaald had. Hendrik overleed op 27 januari 1684 zonder kinderen na te laten. Genoemd diens broer Herbert Adriaens, eveneens overleden, in leven schipper te Dordrecht. Hij kreeg de goederen verstorven, hij had eveneens de 20e penning vanwege de successie collateraal niet betaald.

Jurriaen Everdingh compareet vandaag en neemt het huis in arrest.

Tekenen: J Everdinck, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx, Peeter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 181 dd  14 mei 1705

Schepenen compareren en verklaren dat door het hooge water van de revier de Maes, door opstoppingen van de rivier de Diese de Empelschen dijk is doorgebroken wesende de hoijweij en het meestendeel van de teullanden buitendijcx onder de parochie van Rosmalen gelegen soodanig door het hoge water sijn geinundeert en geinundeert blijven dat daar naar alle apparentie daar van voor dit saisoen van 1705 egeene offte seer wijnigh proffijt van sal coomen.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Abraham van Mill

 

Blz 182 dd  19 mei 1705

Compareert Peter Hendrik Peters Bijvelts heeft een kind bij Maria Jan Willem Adriaens, waarover een accoord was gesloten op 11 april 1705,  en gaat trouwen met Piternella Eijmbers, overeenkomst bij huwelijk.

Tekenen: Peter Hendrick Peters, merk Petronella Emmers, G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx. J van Clootwijk, loco secr.

 

Blz 185 dd  21 mei 1705

Schepenen compareren en verklaren dat door het hooge water van de revier de Maes, door opstoppingen van de rivier de Diese de Empelschen dijk is doorgebroken wesende de hoijweij en het meestendeel van de teullanden buitendijcx onder de parochie van Rosmalen gelegen soodanig door het hoge water sijn geinundeert in 1704, dat daar  voor dat saisoen seer wijnigh profijt van sijn gecoomen.

Tekenen G Croon, Jacob van Gogh, Abraham van Mill.

 

Blz  185 dd 18 juni 1705

Compareert Jan Huijbers, outschepen, inwoner alhier, verklaart voor de vorster dat hij op zaterdag 14 februari laatst leden voor de middag aan het huijs van Willem Claessen, alhier, is gegaan alwaar Willem Claessen onder andere discoursen hem vroeg of hij gehoord had dat Aelbert Claessen, zijn broer wonend te Den Bosch zulke ruzie had, zeggende dat men een mensch daarom soude doot off door den kop schieten. Op dezelfde dag in de achternamiddag rond 4 uur kwam hij Aelbert en Willem op straat tegen, verzoekende of hij met hen naar de Kerk naar het huis van Cornelis van Coot wilde gaan waar de drossaard zou wesen, om met hem daarover te accorderen. Dit weigerde hij vanwege de eerdere discourse. Hij is naar sijn eigen huis gegaan, waar hij de volgende dag heeft verstaan dat gemelten drossaard in den gepasseerden avond met sijn kneght van het huis van van Coot naar sijn huis willende gaan onder wegens verraderlijk is te neder geslagen en swaerlijk tot stervens toe aen sijn hooft is gequetst geworden.

Tekenen: merk Jan Huijbers, Abraham van Mill, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 187 dd 28 mei 1705

Kosten inkwartiering militairen, leverantie van fouderagie, pressingh van karren, ten diensten van dese lande moeten furneeren door tochten mitsgaders costen van militaire executie van den vijant wegens de contributie sedert desen oorlogh gehadt en geleden als volgt:

-       op aanschrijven van de Heer van Dinter als kwartierschout van Maeslant bestelt 2 karren met dubbelt gespan om in het leger te Roosendaal ten diensten van desen landen geimplojeert te worden en sijn dese voor de minste penningen bestelt en aangenomen door Willem Emons van Vlijmen en Jan Jansen van der Ven de jonge voor 5-15-0 per dag sijnde van 18 maart tot 14 april in cluijs, in dienst geweest sijnde samen 28 dagen bedragende 322-0-0

-       11 juli de partiesaen Kien met 30 man verteringen ten huijse van de weduwe Jan Willem Seelen de som van 12-2-0

-       Op ordre als voor voor de minste penningen bestelt 2 karren met dubbelt gespan, aangenomen voor de minste penningen door Willem Emons van Vlijmen en Ariaen Faesen om broot te voeren en dat voor 6-10-0 per dag, in de tijd van 14 augustus tot 4 september, sijnde 22 dagen bedragende 286-0-0

-       Op 17 augustus op ordre van de Heer Graeff van Aebemar commanderende het detassiment uijt het leger gelevert 20 karren hoij om te leeveren aan Couwaters Clooster waar de acht aldaar zijn gelost en sijnde de 12 karren mede naar de Graeff genomen, bestelt voor iedere kar hoij 6 gulden, bedragend 120-0-0

-       Item aan de 8 voerlui voor de vracht aan het Couwaters Clooster ider bestelt een halve ducaton, bedragende 12-12-0

-       Aan de 12 voerlui die gedwongen wierde naar de Graeff te vaeren en aldaar 2 dagen hebben moeten blijven, betaald ieder 1 ducaton, bedragend 37-16-0

-       Aan Cornelis van Coot van verteeringen aan sijn huis van de commandeerenden officieren en bij hebbende de ruijters de som van 6-11-0

-       Moeten leveren een pert met een kneght om voor een gelt waegen van het voornoemde convoij te spannen uijtgeweest en gedient den tijt van 9 dagen, daarvoor betaald aan Corstiaen Gerits per dag 3 gulden, maakt 27-0-0

-       Op 12 september op ordre van de Hr Graeff van Attelone bestelt een kar met een kelt gespan aangenomen bij Willem emens van Vlijmen voor 3-9-0 per dag, gedient van 14 dito tot 29 dito, bedragend 37-19-0

-       11 september betaald voor verteeringen van een partij soldaten ten huijse van Cornelis van Coot geresen, sijnde de partij gelijt door den partiesaen Kien de som van 2-13-0

-       14 oktober een partij van 30 man van Den Bosch gelijt door den partiesaen Silvolde betaald aan Cornelis van Coot de som van 2-16-0

-       17 oktober de genoemde partiesaen met een partij soldaten ten huijse van van coot voor verteeringen 2-16-0

-       27 oktober idem de partij van Silvolde ten huijse van van Coot, 1-14-8

-       29 oktober een partij van de Graeff komende ten huijse van van Coot 1-12-0

-       5 december den partiesaen Silvolde ten huijse van de weduwe Jan Willem Ceelen, 1-7-0

-       21 december den selve nog 0-8-0

-       Betaald aan Jan Ceelen op 3 januari 1703 wegens verteeringe van een partij soldaten de som van 1-4-0

-       7 februari 1703 bij ordonnantie moeten betalen aan Sijke, weduwe Willem emons van Vlijmen over karrevrachten ten dienste van den landen gedaan volgens publieke aanbesteding 34-0-0

-       Idem aan de weduwe 4 karren hoij voor het detassement uijt het leger gecampeert omtrent Couwaters Clooster met nog een kar hooij gelevert bij Jan Jaocb Langes 17-10-0 ( doorgestreept)

-       22 maart 1703 volgens ordonnantie laten betalen aan Cornelis van Coot wegens verteeringe in 6 verschillende keeren de som van 18-2-8

-       16 mei 1703 met ordonnantie laten betalen aan Theodorus Lemmingh de som van 8-2-0 over karvracht ten diensten van den lande

-       Met ordonnantie betaald aan Gerrit Bastiaans wegens karvrachten 7-16-0

-       23 september alnogh met ordonnantie betaald wegens commissie gelt om de contributien te reguleeren 23-13-2

-       20 december 1703 op ordonnantie doen betalen aan Gerrit Claessen in voldoende van restant van Karvrachten 41-2-0

-       Betaald aan Poulus Peter Gurts wegens restant van karvrachten de som van 41-2-0

-       20 december laten betalen volgens ordonnantie aan Hendrik Melten in voldoening van karvrachten 55-1-0

-       Idem aan Gijsbert Wellens 55-1-0

-       Op 9 januari 1704 betaald aan de gecommitteerde van het kwartier van Maeslant tot het reguleeren van de contributie 38-0-0

-       1 oktober betaald aan Jacob van Gogh wegens verschot aan een Franse partij gecommiteerd door den partiesaen Baltjere de som van 10-0-0

-       Op 25 oktober aan Jacob Jansen van Gogh 25-0-0 door hem betaald aan Le Chevale Damale Capiteijn van de dragonders van den vijant met een partij alhier

-       Aan Cornelis van Coot wegens verteeringen van genoemde partij tot sijn huis 9-0-0

-       Op 20 november aan Cornelis van Coot bij een partij van desen staat tot sijn huijs 26-4-0

-       21 november aan van Coot bij een Franse partij 8-6-0

-       18 december aan van Coot die een partij van onsen staat met sijn soldaten heeft verteerd 6-6-0

-       29 januari 1705 een franse partij van Antwerpse dragonders de officier en president in de nacht van haar huijs gehaelt ende gebracht ten huijse van van Coot en daar vert. en motten vereeren om den drossaard niet mede in gijselingh te nemen  32-0-0

-       De president meegenomen in gijselingh met Claes van Boeckelt geprest met kar en pert die sij een dag en nacht bij sigh hebben gehouden aan hem moeten betalen 9-0-0

-       De volgende dag voor verteeringen voor een andere Franse partij 7-4-0

-       En is de genoemde president binnen Antwerpen alle daegen aldaar op Steen gedetineert wesende moeten betalen van verteeringen 2 gulden compt per dag voor de tijd van 18 dagen met heen en wederkomen de som van 36-0-0

-       Voor 2 karrevrachten voor het heen en wederkomen moeten betalen 1-4-0

-       De selve voor zijn vacatie en versuijm tgeene de gemeente moet goed doen voor 1-10-0 per dag de som van 27-0-0

-       Aan Poulus Peters Gurts. Matijs van Crijl, Geerit Clasen wegens car vrachten 89-2-0

-       Op 1 mei gelevert op ordre van de generaal Cartiermr. tot Nistelroij 300 rastions hooij, 4 karren strooij, 4 karre brandhout, en 300 peketpaelen, met de vracht 190-10-0

-       Ende wat belangh het recht van de militaire executien om de resterende contributiena en de vijant te betalen connen, de regenten voor alnogh niet uijtrecken voor ende alleer de liquidatie metten ontfanger van de genoemde contributien sal werden gemaakt, dus hier voor memorie

Totaal kosten: fl. 1628-7-2

Schepenen geven aan dat de ingesetenen daardoor sodaenigh als mede door de inundatie van de buijtendijkse landen buijten staat werden gestelt om lands en dorpslasten soo niet te connen betalen als het wel behoort.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx, Wouter Joppen Baers, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 201 dd 30 mei 1705

Ondervraging ter instantie van  Marija weduwe Jan Jan Ariens de Jongh

Vraag 1: of zij sinds 1698 niet in bedieninge van een politieke ampten van Nuland zijn geweest en in welke kwaliteit? En in welke tijd?

Vraag 2: of zij weten dat Jan Jan Ariens de jongh en zijn eerste huisvrouw genaamd Marieken dochter Aert de Wert zaliger een besloten testament hebben laten maken, dat ter rat. In het huijs van Jan vand er Steen zaliger int comptoir in het ebzit heeft gehad?

Vraag 3: of zij direct of indirect weten waar het testament nu is? Of wie het heeft verstompelt en int ongereet  gebracht?

Compareert Gerard Croon, drossaard:

Verklaart het drostampt in 1688 heeft bedient en nog bedient. Hij weet goed dat Jan Ariens de jongh en Merieke Aert de Wert een besloten testament hebben gemaakt en heeft in het jaar 1689 tot conduckteur van slands legerwaegens ge…. hebben, en Jan Ariens heeft aangeraden om het testament voor zijn vertrek in jequesteren hand ter secretarije van Nuland te brengen. Sinds die tijd heeft hij het testament nooijt meer gesien.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz 203 dd 30 mei 1705

Willem Jansen nu president tot Geffen, gedaagt in dezelfde ondervraging als voor, verklaart dat hij de secretarije enige jaren heeft bedient als gesworen clerck. Hij zag opt comptoir van de weduwe Hr van der Steen, gewesene secretaris,  seeker beslooten testament, van Jan Jan Ariens de Jongh, volgens het opschrift dat er op stond, hij weet nu niet waar het is.

Tekenen: Willem Jansen, G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz  204 dd 30 mei 1705

Jan van der Pol, als oudschepenen verklaart in die tijd enige jaren gedient te hebben. Hij kenbt wel het testament van Jan Jan Ariens de jongh en zijn toenmalig vrouw Merike Jan Aerts de Wert, waar het nu is weet hij niet.

Tekenen: Jan van der Pol, G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz  204 dd 30 mei 1705

Compareert Antoni Ermers die voor zijn verklaring copies van de ondervraging wil zien.

Tekenen G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz  205 dd 30 mei 1705

Compareert Aert de Wert die verklaart niet te weten waar het testament is, en heeft de eedt daarop gedaan.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz 205 dd 30 mei 1705

Lambert en Jan de Wert broers verklaren niets van het testament te weten en ook niet van de verblijfplaats. Voordat ze de eedt erop doen, willen ze eerst copy van de intergatorium

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz  206 dd 18 juni 1705

Compareert Willem Jan Huijbers, out gesworene deser HH, die ter instantie van droissaard Croon, verklaart dat hij enige jaren terug met ene Albert Claesse, die toen te Nuland woonde, en zijn gegaan naar Rosmalen, had 2 hoenders bij zich en vertelde onderweg tegen hem dat hij de selve soo veel als een schelm had genomen, en aan den anderen souden geven. Willem vroeg waar hij ze gehaald had en Albert zei: het zijn de hoenders van G Croon, de drost. Gekomen te rosmalen heeft hij ( willem) zich gelangt aan Juffr. Clootwijck. Verder dat in de nacht van 14 februari 1705, zo hij zich herinnert, tussen 10 en 11 uur, aan sijn huis is komen lopen Hendrick Tomussen, knecht van de requirant. Hij vroeg hem mee te komen omdat zijn heer door straatschenders van achteren veradelijk ter aarde neergevallen, ze sloegen de lanteern uijt zijn hand en sloegen hard op zijn arm. Willem en genoemde Hendrik tomusse gingen daarop met een rieck en een gaffel en aangekomen in de erfsteeghsken van de convent van de Wijmelenberg  vonden ze de drossaard daar voor doot tegen de aarde liggen. Broek, zakken en beurs overdwars door en van sijn lijf gesneden. Ze hebben hem ophgenomen en naar sijn huijs gebracht. Daar door Mr Jurriaan Everdingh voor de eerste rijs verbonden.

Tekenen: merk Willem Jan Huijbers, Abraham van Mill, Peeter eijmbers van Creijll.

 

Blz 208 dd 18 juni 1705  copie

Ondervraging ter instantie van de drossaard Croon

  1. Naam en ouderdom
  2. of zij op vrijdag 12 juni niet ten huijse van Thoedorus Lemmingh van St Catarina en St Berberaesgilde was teerende sijn geweest?
  3. Of zij op de achternamiddag in het achterhuis bij de Broukuijp niet hebben sien staan ene Jan Poulusse pratend met Arien van Crij, kneght van Jan Jansen van der Ven, outpresident van Nuland?
  4. of ze daar ook niet een Hendrik Geerits van Crijl  hebben gezien en dat hij sonder enige woorden of questie gahdt met Jan Poulusse hem met een mes of andere geweer door sijn neus of aangezicht heeft gesneden?
  5. Of sij niet hebben gezien dat Hendrik Geerits van Crijl aanstonds daarop is gaan lopen uit het huis, dat Jan Poulusse seer bloedend hem was nageloopen, en of hij niet door iemand op het blijckvelt comend met een slip van sijn rock is vastgehouden  en off  Hendrik Geerits aldaar over de tuijn springend niet in den roghe is te nedergevallen en sich met het weglopen heeft geretireerd en wegh gemaakt?

Adriaen van Crij verklaart 25 jaar oud te sijn, verklaart zoals in de vragen gestelt en voegt eraan toe dat hij Jan Poulusse bij zijn slip heeft vastgepakt, die omkeek een toen besefte te bloeden.

Willemke weduwe Aert Hendricx van der Ven, oud 54 jaar, zag toen ze uijt de kelder kwam waar ze bier was gaan tappen, en bij de put aangekomen hoorde dat er ruzie was, zag dat Jan Poulusse in zijn aangezicht was gesneden en bloeijde en hem heeft helpen afwassen en rijniegen met Peter Vosse horende Jan Poulusse verschillende keren zeggen dat Hendrik van Crij hem sulcx schelmachtig en verradelijk heeft gedaan.

Tekenen: Adriaen Hendricks Creijl, Willemken Arts, Abraham van Mill, Peter Eijmbers van creijl.

 

Blz 211 dd 7 mei 1705

Volmagt voor Jacob Jan Timmers, borgemeester in Vinckel, om een som van 100 gulden op te mogen nemen om gemeenten schulden te kunnen betalen, “en om te verschonen de onnosele die noch niet in staet en sijn om haere schulden soo pront te voldoen”.

Tekenen: Jacob Jan Timmers, G Croon, Poulus Peters van Osch, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx Wolff, Wouter Joppen Baers, Abraham van Mill, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 213 dd 13 juli 1705     copie

Compareert Jurriaan Everdingh, mr. Sjurrisijn en vorster van Nuland, die ter instantie van G Croon, drossaard, heeft verklaart dat hij op ordre van Aert de Wert is versoght te gaan bij eenen Jan Jansen de Wert omdat hij met sijn slack nette op het Vinckel om wilde gansen te vangen sonder consent van Mevrouw van Nuland was gaan leggen, om hem te gaan calangeren op ordre van de drossaard, en tegen de middag een missie ontvangen te hebben van de Hr. Bovetius, drost van Geffen, waar bij verzocht werd eerst naar het huijs van de drost van Geffen te komen en deselfde missieve aan de drossaart vertoont  en gevraagt off het exploit soo lange geterdeert mocht worden ende tot antw. Becomende dat het selve eerst diende te werden gedaen. Soo heeft Jurriaen aan de brenger van de missive geseght dat sijnen dienst presenterende aan Hr Bovetius dat hij voor eerst genootsaakt was een exploot in Vinckel te doen en dat hij onderwege een pert soude sine te krijgen om soo veel eer te Geffen te connen comen. Hij verklaart aan het huis van Sijmen Diercx wonend op de Weerscheut, die met ene Jacob van Uden, timmerman van Geffen, die met hem in het achterhuijs aan het werk was, waar hij vroeg om een pert om naar de genoemde ganzevanger te rijden en aldus gegaan te zijn naar Geffen. Op de terugweg en weer op de Weerscheut kwam hij Hendrik van Crij tegen, hebbende een haeck met een scherpen pin in de hand, die eerst met zijn linkerhand het pert met de teugel heeft gevat, seggende “ghij sult met mijn hier accorderen tusschen 4 oogen off ghij moet sterven”, waarop Jurriaan antwoordde “Hendrick dat sou te hart wesen” en verzoeken hem met goede woorden het pert los te laten en het pert terug brengen en dan met hem naar Geffen te gaan. Hij zei opnieuw “ghij sult het hier doen off ghij of ick moet hier sterven”.  Jurriaan antwoordde “daar wil ons Godt voor bewaren”. Hendrik begon te vloeken en zei hem 4 ducaten te sullen geven en dan wil ik een quitantie, “ick heb inct, pen en pampier bij me”. Jurriaen probeerde opnieuw hem te bepraten, maar Hendrik zei “Sacrement ghij sult mij hier quitantie geven off ghij sult anders sterven”. Jurriaen stapte af aan de rechterkant van het pert, waarna Hendrik hem in een diepe graeff stootte, hij had een gat in sijn hooft “dat het bloet langhs sijn aangesicht liep”. Hij had hem met den haak geslagen en ook een gat in de rolle van sijn kousen en broeck van sijn linker been gestoten, een gat in sijn  rock gestoten, en de middelsten vinger aan de linkerhant stuk heeft geslagen. Hij sloeg zo dat de haak in twee stukken was gebroken. Jurriaen kwam met veel moeite uit de graeff en riep om hulp. Hendrik volgde hem door de graef en vatte hem bij een mouw en Jurriaen zei “Hendrick gedenckt op u ziel, wat wilt ghij van mijn  hebben, ick sal doen”. Hendrik zei “ghij sult met mijn gaen en en gaet vort met mijn sacrement gij moet anders sterven”. Jurriaen smeekte opnieuw wat hij wilde en zei “laat mijn gaen, ick ben een out man, ick ben nat en sak van kou bederven”. Hendrik zei dat hij mee moest gaan, dat hij hem bij een goed vuur zou brengen, en loop door, anders moet ghij sterven. Jurriaen werd zo meegevoerd een eind over het Vinckel tot een slagh van een Camp aldaar en een eind weeghs in die camp langhs een hegge gelijt weseende bleef Hendrik staen en zei “hier sult ghij mij n quitantie geven dat ghij van mijn voldaen bent en nam pen, inct en pampier uit zijn zak. Jurrien vroeg hoe hij het geschreven wilde hebben “ick sal doen”. Samen hielden ze het papier vast, van Hendrik moest hij schrijf dat Jurriaen zijn meesterloon ontvangen had en ondertekende zoals hij gewend was te doen. Hendrik “wat is dat, ick kan ook lesen, maar dat niet, sacrement, schrijf ter degen dat ick het lesen kan, waarop Jurriaen nogmaals sijn naam schreef  en dat hij het van Hendrik van Crij gekregen had. Zo heeft Jurriaan dat ook gedaan. Hij dreigde tot slot “soo ghij het segt, soo sult ghij sterfen. Ze gingen uit elkaar, Jurriaen kwam aan het huijs van Sijmen Dircx waar alle deuren dicht waren, en werd na cloppen binnen gelaten door Jacob van Uden, vragend of het pert was thuis gecomen. Hij zei van Ja, “we meende off ghij daar af waert gevallen”. Jurriaen vertelde alles aan Sijmen Dircx.

Tekenen: J Everdinck, Martin. Kievit, Peeter eijmbers van Creijl, J v Clootwijck loco secr.

 

Blz  218 dd 10 juli 1705

Compareert Jan van der Pol, oud schepen te Nuland wonend ten behoeve van Aert Jan Teunissen, man en momboir van Jenneken van der Pol, sijn dochter, ivm afgaan van tocht in drie stukken land gelegen te Heesch, genaamd het Beneeschen (?) Heufken, groot omtrent 3 vat lands,  item een acker teullands 8 vaetsaet land, met den houtwas daar aan gelegen met tot Heesch gelegen, een beempt omtrent 3 lopens groesland gelegen te Os, 7,5 hondt hoiland in de Vree tot Geffen, 5 hont lands aldaar, ½ van 4 hond land ongedeelt met Dirck Clasen van Heeschmede aldaar gelegen, onder voorwaarde dat hij lasten ervan zal betalen. Aart Jansen sal verder de opvoeding van zijn dochter Elisabeth moeten betalen de som van 18 gulden per jaar, zo lanf zijn schoonvader leeft.

Tekenen: Jan van der Poll, Aert Jan Tunsen, G Croon, Jacob van Gogh, J v Clootwijck loco secr.

 

Blz  219 dd 13 juli 1705

Schepenen visiteren op verzoek van Aert Jansen de Wert  het huis van Jan Jan Adriaens de Jongh en zijn eerste vrouw Merieke dochter Aert de Wert.

Huis is gebouwd in het leven van zijn eerste vrouw op de Erve van de Roijpoortse Hoeve ter plaate in Vinckel te Nuland gelegen, aanbestorven na overlijden van ouders. Huis moet gerepareert worden: "dack is ten eenemael caduck en veele reparatie aen het hout en muijrwerck en deuren en wanden". Kosten ca. 154 gulden.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Wouter Joppen Baers.

 

Blz  220 dd 15 augustus 1705

Compareert Jan Joosten, te Alem wonend, als knecht van Willem Emons van Vlijmen in april 1700 in het leger in roosendaal geweest, in het regiment van de koningin van Engeland met een kar en twee paarden de officier van het regiment heet gedient wegens den dorpe van Nuland. Hij kreeg dagelijks een rasions hooij, en haver, en 2 gereduceerde schellingen per dag. Hij heeft echter niet meer dan 19 schellingen ontvangen.

Tekenen: merk Jan Josten, Jacob van Gogh, Sijmen Diercx.

 

Blz 221 dd  21 oktober 1705

Volmagt Jan van Vorstenbosch, burgemeester vinkel om een som van 100 gulden op te nemen om schulden van de gemeente te kunen betalen.

Tekenen:  G Croon, Jacob van Gogh, Martin Kievit, Costiaen Gerits Beijvelt, Peeter Eijmbers van Creijl, Abraham van Mill, Poulus Peters van Osch, Jan Jansen van der Ven de Jonge, Jan Willems Vorstenbosch.

 

Blz  222 dd  17 november 1705

Compareert Ho.Mo. Vrouwe Alida Maria Kivit, weduwe van Hr. Pieter van de Horst in sijn leven Raad en Fiscael ter admiraliteyt op de Maase: volmagt aan Johanna Maria Tromp, weduwe Cornelis Gans, i.v.m. huwelijk van Colonel Frederik Tomas Yvoy, kolonel en kwartiermeester van de Staten Generaal en Majoor van de stad van Den Bosch,  met Johanna Alida van der Horst, haar dochter.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh

 

Blz  224 dd  2 december 1705

Huwelijkscontract voor Hendrik Jansen Timmers, J:M en Peerken Joosten, weduwe Jan Jansen van Crijl: de voorkinderen krijgen elk 25 gulden. Peerke wordt geassisteert door Mathijs van Creijl, zwager, Jan Gurts, gewesene molenaer en haar aangetrouwde schoonvader en door Dirk Jan Frensen, haar aangetrouwde zwager. Beiden wonend te Nuland.

Tekenen: Hendrik Jansen Timmers, Peerken Joosten, Mathijs van Creijl, merk van Jan Gurts, Dirck Jansen van Boxel, G Croon, Jacob van Gogh.

 

Blz 226 dd 2 december 1705  

Compareren de schepenen die verklaren dat alle inwoonders van Nuland van ouds herwaarts sijn geobligeert jaarlijks eenmaal den heere of Vrouwe van Nuland met kar en paard, en degene zonder paard met het lijf eenen dagh te dienen, welke dienst in cas van naarlatigheijd  en door den vorster gaags tevoren aangezegd zijnde tot coste van de gebreekige met clock slagh ordinaris werden bestelt voor redenen van welwetenschap allegerende den voorgenoemde drossaard voor 42 jaar het vorster ambt bedient hebbende, sulcx altijt gelijk gebeurde en inusantie is geweest. Hij heeft als officier over verschillende bestedingen van karre diensten diverse keren mensen die in gebreken bleven heeft gestaan.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Martin Kievit, Costiaen Gerits Beijvelt, Peeter Eijmbers van Creijl, Poulus Peters van Osch.

 

Blz  227 dd 10 december 1705 

Compareert Maria weduwe Geerit Jacob Hens Bosch, Peter Jansen van Deurnen,haar knecht, wonen in Vinkel, verklaren dat afgelopen vrijdag 4 december savons aan haar huijs is gecoomen eenen jongen mensch sijnde bruiijn  van haar, hebbende aan een gestrijpte broeck met een paar clompen, aan wie Maria een schotel gekookte melck met een boteram had gegeven, die hij sonder spreken haar afnam en daar een wijnigh van gegeten hebbend heeft hij  melk en boteram int vuur gesmeten, en Maria zag toen dat hij een sleutel van een knuijster  in sijn hant had. De persoon vertrok, sonder spreeken, waarvan ze dacht dat het niet anders kon dat hij “simpel en niet wel bij sijn sinnen is geweest”. Afgelopen dinsdag is een doot verdronken lichaam onder in den toorn van de kerk van Nuland door Croon is laten brengen. Maria kan niet anders verklaren als dat het dezelfde persoon is. Ze voegt eraan toe dat de persoon in haar huis bij het vuur de zakken uit zijn broek trok en om keerde.

Tekenen: Jacob van Gogh, Jan Jansen van der Ven de jonge.

 

Blz 229 dd 23 december 1705

Drossaard en schepenen bijeen in de Raatkamer alhier hebben voorgedragen dat de aannemers van de karren en paarden, op ordre van de gedeputeerden van de Raad van Staten te velden, de voorleden compagn den tijd van 47 dagen gedient hebbende en willen nu hun loon zien om hun schulden daarmee te kunnen voldoen. Voor de 3 karren en 2 losse paarden volgens de condite van aanbesteding de som van 30 gulden per dag, bedragend dus tesamen 1410 gulden, corting van tgeen daar op is betaald dat daar en boven volgens gedane kwartierrekening en repartitie die van Nuland moeten betalen in karren en paarden op ordre als voren tot Hees en Osch voor alleman bestelt de som van 458-6-6. Verder aan drost Croon 21-4-0, aan Nicolaas Jansen 2-12-0, Gijsbert van den Broek tot Berghom 286 gulden, Lambert Willems van Osch 24-19-8, Peter Jansen tot Osch 78-4-8, Aert Hendrick Jacobs 16-18-6, Ruth Jan Rutten tot Geffen de som van 29-8-0.

Deze mensen moeten ook betaald worden, want drijgen anders met recht. De borgemeester kunnen deze sommen niet opbrengen. Na deliberatie is overeengekomen doo regenten en ingesetenen van Nuland dat ze de tegenwoordige borgemeesters te weten Jan van Lith en Hendrik Melten en Jan Willems Vorstenbosch om een som van 600 gulden op te nemen  om de bedragen te betalen uit de verpondingen van Nuland

Tekenen: Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch, Mert. Kivit, Peter Eijmbers van creijl, Corstiaen Gerits, Jan Jansen van der Ven de jonge, Handrick Poulusse van Roi, Willem Clasen armmeester, Handrick Marcus, Jan Jansen van Lit, Jan Willems Vorstenbosch, merk Jan van Deurse, Gerard Jan Aerts de Mulder, merk van Jan Gurts, merck van Wouters, Jacob Jan Timmers, merk van Huijbert Jansen, Jan van der Horst, merk van Marieken Dircx, merk van Jacob Helligers, merk van Denis Willems, merk van Geurt Teunissen, Melis Jansen van Heesch, merk van Jan Martens, Peeter Janssen, Roelof Wellens, merk van Erbert Jansen, merk van Jan Beeckman, merk van Handrik Handrik de Bie, merk van Aert Adams, jan van……., merk Marie Geerit Bos, merk van Elsken Hooft, merk van Aert Gurts, merk van Wandert Huijbers, merk van Jenneke Dirck Jansen, merk van Wouter Bastijaens, Matijs van creijl, Hendrik Jansen van den Dungen, J Lemminck, merk van Jan Peter Tijssen, merk Willem Jansen, Willem Vorstenbosch, Willem Tonissen van Roeij, merk van Jan Joste, merk van Jan Willems de Smit, Dirck Janse van Boxel, merk van Handersje Bastiaans van Roeij, merk van Jan Paulus, Dierck Willems van Vorstenbosch, Jan Jacob Langes, merk van Hendrick Hendricks, Adriaan Jan Malten, merk van Tunnis Tunissen, merk van Teun Hermens, Claas (?) Huijpen, ASnthonis Ermers van Nulant, sijmen Diercx, Adriaen Fransse Hoefs, merk van Hendrik van Aelst, merk van Jenneke Jacobs, Adriaan Jansen, Gijsbert Wellens, Adriaen Gerits, Peeter Vos, Peter Hendrick Peters, Jan Jansen Quack, merk van Lijs Huijpers, H van Putten, merk van Claes den Boeckel, merk van Gerit Bastiaens, merk van Leendert Willems van Boeckelt, Jan Diercx Spierings, merk van Jan Peters, Hendrik Jansen Timmers, merk van Rut Gerits, Lambert Peters,

In marge dese procuratie is ingelevert 22 februari 1719

 

Blz 235 dd 29 december 1705

Compareert Rijcxke weduwe Jan Luijcasse, gewesene pachter van de hoeve van de erfgenamen van Hr. Miggiel van de Gevel, genaamd de "Sijspesche hoeve" in Vinkel onder Nuland gelegen, aan de ene kant en Huibert Luijcasse voor hem zelf als voor zijn zuster Marieke Jan Luijcasse ende Rut Willems als getrouwd wesende met Aeleke Jan Luijcasse aan de andere kant, verklaren overeengekomen te zijn dat Rijcxke zal overdragen al haar veeij bestaande in paarden en beesten, bouwgetuijgh, meubelen en inboedel egeene uitgescheijden, waarvoor de andere partij alle  achterstaande lands en dorpslasten van de genoemde hoeve tot vandaag zullen betalen evenals de pachtpenningen, verder zullen ze hun moeder haar leven langh in behoorlijke onderhout van levensmiddelen cledinge en andersints sullen verplegen en onderhouden, als naar behoren en haar na het overlijden eerlijck naar haar fatsoen ter aarde sullen besteden. Na het overlijden zal Rut Willems tot zich kunnen nemen het weefgetouw met toebehoren, zoals hij deze in de hoeve heeft gebracht.

Tekenen: merk van Rijcxke Jan Luijcasse, merk van Huipert Jansen, Ruth Willems, G Croon, Jacob van Gogh, Peeter Eijmbers van Creijll.

 

Blz  238 dd 2 januari 1706

Compareert Hendrik Fransse van Bergem, inwoner van Nuland, hij heeft van 1 oktober 1691 tot  31 december 1698 in Geffen gewoond, was collecteur van de verpondingen, en verklaart dat de Staten Generaal inzake de inundatie van de polderlanden onder Geffen gelegen over 1698 hebben gelieven te remitteren de som van 1017-6-0, waarop hij op ordre van de regenten volgens de lijst van president Willem Jansen aan geïnteresseerde eijgenaars en gebruikers niet meer heeft goed gedaan en laten corten de som van 543-6-8 en dat de overige penningen te weten 473-19-8 door de regenten aan aandere zaken is besteed, o.a. aan Goris Jansen wegens het montant van het gemaal, en boete van verswegen en qualijck aangebrachte personen de som van 93-10-0, en heeft dit overgedragen in aanwezigheid van de president en zoals beschreven door de officier van Geffen Hendrik van Rijp en op 3 mei 1703 gepasseerd.

Tekenen: Hendrik Fransen van Berghen, Peter Eijmbers van creijl, Corstiaen Gerits Beijvelt.

 

Blz  238 dd 12 januari 1706

Volmagt aan Abraham van Mill en Roelof Wellens als collecteur voor de Franse en Spaanse contributien voor het jaar ingaande 15 mei 1705, om 400 gulden ergens op te nemen om de belasting te kunnen betalen aan het kantoor van de Heer Ignatius van Bree tot Den Bosch, om daarmee te vesrchonen de onmachtige mensen die niet in staat zijn te betalen,

In marge op 15 januari 1706 is deze procuratie ingetrokken omdat ze geen gelt konden krijgen.

Tekenen: G Croon, Handrick Marcus, Jacob van Gogh, Martin. Kievit, Poulus Peters van Osch, Peter Eijmbers van Creijl, Corstiaen Gerits Beijvelt, Jan Jansen van der Ven de Jonge, Jan Jansen van Lit, Hendrick Jan Melten, Jan Jansen van der Ven, merk van Jan Huijbers, Jan Jansen Quack, Hendrik Jansen van den Dungen, Willem Klasen, Jan willems van Vorstenbosch, borgemeester, H van Putten, merk van Jan van der Ven (?), Adriaan Jansen van Heesch, Anthonis Ermers van Nulant, Gerardt Jan Aerts  den Mulder, Adriaan Jan Melten, Lambert Peters, Adriaan Faessen, merk van Jan Pauls, Margriet Jan Dirkcx, merk van Erke Jan Willems, Willem Toenissen van Roeij, Hendrik Franssen van Berghem, Jan Lambers van Boxtel, Peter Jansen van Uden, merk van Els Bastiaens, merk van Jacob Joosten, merk van Leendert Willems van Boekelt, merk van Jacob Joosten ( 2x), merk Adriaan Gerits, merk Jacob Heijligers, merk Huibert Jansen van Rooij, merk van Wouter Driessen, merk van Aert Adams, merk van Peter Vos, Andries Gijsbers, merk van Aert Goorts, merk van Marie Geerit Hens Bosch, merk van Teun Hermens, merk van Jenneke Dirkcs, Jan Willems van der Horst, Gijsbert Wellens, Merk van Handrick de Bie, Jan Jansen, merk van Gerit Bastiaans , Wouter Joppen, merk Jan Adriaans, Adriaan Fransse Hoefs, Melis Jansen van Heesch, Sijmen Diercx, Lambert Sepen, merk Toni Peter Jan Clasen, Peter Hendrik Peters, merk Wandert Huijpers, merk Tonis Tonissen, merk Claas Jansen, merk van Hendrik van Aalst, merk van Elbert Jansen, Dirck Janse van Boxel, Jan Dircx van der Donk, Hendrik Poulusse, merk van Jan Martens, merk van Jan Josten, Jacob Jan Timmers, Hendrik Jansen Timmers, Claas Jan Huijpers, merk van Ruth Geerts, merk van Wouter Bastiaans, Antonis Melis, merk van Jan Peter Tijssen, merk Jan Beekman, merk van Hendrik Hendricx, merk Willem Jan Huijpers, Dierck Willems van Vorstenbosch, merk Huijbert Claesse, merk Goort Hendrik Westerlaken, Klaas van Erp, Mathijs van Creijl, J Lemminck, merk van Haars Bastiaans van Roij, Jan Jacob Langes.

 

Blz 242 leeg

 

Blz 243 dd 30 januari 1706

Compareren Symen Dircx, oud schepen en Wouter Bastiaans,  inwoners van Nuland, die ter instantie van Theodorus Lemmingh hebben verklaart dat de huijs en de schuur staande op schotsheuvel met aangelegen land groot 3 lopens en 20 roeijen met nog 2 stukken land daaromtrent, groot 1 lopens en 25 roeije, in de tijd dat Lemmingh er door transport meester van is geworden boven de last van 1 malder rogge daar van jaarlijks te leveren aan de armen van Nuland, met nog 1-1-0 aan het comptoir van de Heer van Deurne en 14 stuijvers jaarlijks aan de broederschap van St Antonis te Nuland, niet meer maar eerder minder dan de som van 300 gulden waard was geweest, waarop het bij het kantoor van de 40e penning voor was aangegeven. Sijmen Dircx had het huijs toen in pacht en Woutyer woonde toen voor knecht bij hem. Het huis was toen al bouwvallig en kon niet meer bewoont worden, en bij het minste onweder moest sij het dack met touwwerk moesten onderschragen.

Tekenen: Martin Kiviet, Sijmen Diercx, merk Wouter Bastiaans, Peter Eijmbers van Creijl, J van Clootwijk sub secr.

 

 

 

Blz 244 dd 17 februari 1706

Compareert Juffr. Barbara Anna van de Keurbeeck “de selve in leven sijnde gesont gaande en staande,  in kennisse der waerhijt”, tekenen: Barbar Anna van de Keurbeeck, Jacob van Gogh, Corstiaen Gerits Beijvelt.

 

Blz 245 dd 15 februari 1706

Ondervraging van Hendrik Jansen van Nistelroij, 23 jaar. Verklaart op 2 februari in de herberg van Goijert van Westerlaken op Caathoven onder Nuland in gelagh met verscheijde personen te zijn geweest. Aanwezig waren Marten wonend te  Berlicum en Louwrens wonend te Middelrode, verder Johan  van Davervelt uit Middelrode. Deze drie raakten aan het vechten met de 2 zonen van advocaat Nicolaas van de Gevel, Ignatius en Augustinus. Hij trachtte tussenbeide te komen met een stok in de hand en goede woorden sprekend. Maar Igantius schold naar Lourens en gooide een glas naar hem.

Hij zag dat Marten een stok in de hand had en Lourens een schup. Hij zag geen messen bij een van hen. Hij zag dat Augustinus bloedend ter aarde viel en zei “Hendrick ik heb het genoegh”. Augustinus zei dat Johan van Davervelt het had gedaan. Hij heeft niet gezien dat Ignatius van de Gevel Louwrens met een mes of geweer kwetste of stak.

Tekenen: Martin. Kievit, Poulus Peters van Os, Peeter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 247 dd 15 februari 1706

Ondervraging van Goijert Westelaecken, 35 jaar. Hij is herbergier te Vinckel onder dese HH.

Op 2 februari kwamen na de middag Augustinus en Ignatius van de Gevel aan sijn huis om een glaasje te drinken. Ook kwamen daar Marten en Lourens, wonend te Berlicum en ook Johan Davervelt, chirurgijn te Middelrode. Toen Goijert buijten stond  “water te maken”, kwam zijn vrouw hem seggen dat er ruzie was tussen de bezoekers. Terug in huis zag hij Augustinus bloedend op de grond vallen, en diens broer zei dat Johan van Davervelt het gedaan had. Nadien is Goijert snel gegaan naar het huis van de vader, Advocaat Nicolaas van de Gevel om hem te informeren. Hij heeft niet gezien dat Ignatius van de Gevel Louwrens van Berlicom met een mes of scherp geweer heeft geattaqueert en gequetst.

Tekenen: Martin. Kievit, Poulus Peters van Os, Peeter Eijmbers van Creijl.

 

Blz 249 dd 25 februari 1706

Compareert Juriaen Everdingh. Voster alhier die ter instantie van drossaard Croon als obtinent van vonnisse en opgevolgd tauxaat van costen na voorgaande sommatie en renovatie aan de schepenen van het Heeseijnde gedaan, sonder aanwijzingen van goederen te willen doen om het tauxaat bedragende 296-13-14 daarop met de costen te verhalen, in arrest genomen te hebben het gerechte 1/3 deel de gemeente van Heeseijndt competerend in alle sodanige groes en hooiland als de sleve met de gemeente van Nuland onder dese HH gelegen ongedeelt hebben om bij executie te procederen.

Tekenen: J Everdinck, Peteer Eijmbers van Creijl, Jan Jansen van der Ven de jonge, Poulus Peters van Osch.

 

RA Nuland 44 ongefol. d.d. 21 februari 1706

Compareren Jan Poulusse en Jacob Luttekens bijgenaamd "den Ruijter", onder de blauwe Garde, Cornelis van Coot, Jan Peter Tijssen, alle van competerende ouderdom en inwoners van Nuland, moeten voor de drossaard een verklaring afleggen.

Jan Poulusse verklaart dat op zaterdag 13 februari voor de middag in zijn huis is gekomen ene Michiel Strik wonend te Osch, met 2 soldaten van het regiment van de walen, waarvan de ene was genaamd Claas Tonissen hebbende een degen aan sijn sijde, en de andere twee geen degens, die vroegen waar Jacob den Ruijter woonde, en eisten enige glazen jenever, waarna Claas Tonissen zijn huis ging doorzoeken en zei de genoemde Strik dat ene Geerit de Groen hem sijn gelt heeft afgenomen, en qualijck hadde getracteerd. Nadat ze twee romertjes hadden gedronken en betaald en zij Claas Tonissen dat hij het huis van Jacob Luttekens wel zou vinden.

Jacob verklaart dat hij die voormiddag thuis in de backtrog stond te treeijen om sijn roghdeeg te kneden, waar de drie personen kwamen en vroegen naar zijn zoon Geerit de Groen. Hij verklaarde niet te weten waar hij was, waarna de drie zijn huijs doorzochten, waarbij Michiel Strik de regiemtnhoed van zijn zoon mee, sijnde een ruijter onder de blauwe garde, die op de slaapkoets of de bedstee lagh. Jacob durfde zich niet te verdedigen. Een half uur later is de gemelte hoed door Peerke Hermens dienstmijt bij genoemde Jan Peter Tijssen teruggebracht.

Cornelis van Coot verklaart gehoort te hebben van het voorval bij Jan Poulusse  en dat de drie op weg waren naar  Jacob Luttekens en vreesde voor enig gewelt, ging naar naar toe. Aangekomen bij het huis van Jan Peter Tijssen zag hij Michiel Strik en de 2 soldaten komen van het huis van Jacob Luttekens, en had Michiel de hoet onder zijn arm. Hij sprak ze aan en vroeg hen of zij wel wisten dat ze in een vrijheerlijkheid waren en dat de officier sulcx wist dat daar over souden doen straffen, waarop Strik aan Peerken Hermesn vroeg de hoet terug te brengen naar Jacob Luttekens.

Jan Peter Tijssen verklaart aanwezig te zijn bij het geval van van Coot en verklaart het zelfde.

Tekenen: Jacob van Gogh, Jan Jansne van der Ven de jonge.

 

Blz 252 dd 27 februari 1706

Ondervraging ter instantie van Gerard Croon, drossaard van Hendrik Sijmens, oud 30 jaar.

Verklaart op 2 februari 1706 in de achternamiddag in het huijs en herberg van Goijert van Westerlaken op Caathoven geweest is en ‘daar sijn gelagh gehad heeft met Hendrik kneght van Metjen weduwe Wouter Bosch, Marten Dircx, en Louwrens Dircx, en tevens Ignatius en Augustinus van de Gevel, soonen van de Heer advocaat Nicolaas van de Gevel. Toen de lamp ontstooken werd kwam Mr. Johan davervelt, chirurgijn, wonend te Middelrode mede in het gelagh is gecoomen.

Op de vraag of hij hoorde dat er krakeel en verschil was gekomen tussen Davervelt met de beiden Dircx, wonend te Berlicum tegen de beide broers van de Gevel, antwoord hij dat hij kort na het binnenkomen van Davervelt is vertrokken naar het huisje van Metjen, dat dicvht daar in de buurt staat, en dat hij na enige tijd hulp hoorde roepen vanuit de herberg en daar naar toe is gegaan, voor de deur vond hij de beiden Dricx’ die erg schelmden en uitdaagden tegen de broers van de Gevel. Samen met Hendrik Jansen heeft de gemoederen weten te sussen met “goede woorden en vermaeningen”, zodat ze vertrokken.

Terug in de herberg – samen met zijn kameraad Hendrik Jansen – vond hij Augustinus van de Gevel, seer gequetst en hevig bloedend, die zei dat Johan van Davervelt dit gedaan had. Samen met Metjen heeft hij de gewonde in de keuken op bedde gelegt.

Tekenen: Merck Hendrik Sijmens, J. Everdinck, Peter Eijmbers van Creijl, Corstiaen Gerits Beijvelt.

 

Blz 253 dd 27 februari 1706    copie

Ondervraging van Metjen, weduwe Wouter Bosch, 58 jaar, over dezelfde zaak. Ze verklaart op Lichmisdagh, 2 februari 1706 wonend op Caathoven naast huijs en herberg van Goijert van Westerlaken toen Maria Stoffels, zijn vrouw aan haar huis is gekomen, zeggende dat er ruzie aan haar huijs was en dat ze er heen moest gaan en haar 2 kneghts meebrengen namelijk Hendrik Jansen en  Hendrick Sijmons, ze zag bij de put bij haar huis Johan Davervelt lopen in de richting van de vonder. Op horen van hulp roepen is ze naar de herberg gelopen en zag daar de sonen van de Heer advocaat van de Gevel, waarvan Augustinus in de keuken op de vloer lag te bloeden, met hara kneght Hendrik Sijmens heeft ze van de Gevel opgepakt en op een bed in de keuken gelegd. Ze heeft de wond met een eierplaester en vlas heeft verbonden om het bloeden te stelpen.

Tekenen: merk van Metjen weduwe Wouter Bosch, J Everdinck, Peeter eijmbers van Creijl, Corstiaen Gerits Beijvelt.

 

Blz  255 dd    copie

Aert Jansen de Wert, 46 jaar en Marie Antonis Hensen, zijn vrouw, 48 jaar, en Jenneke hun dochter, oud 18 jaar, worden gedaagd om een verklaring aan de drossard te geven.

Aert verklaart dat op 1 januari in de nacht toen zij al twee uren op bed hadden gelegen werd er op de deur van hun huis geslagen, en horende ene Gerrit Hanegraaf roepen dat hij de deur moest opendoen, Aert antwoordde dat hij dat niet soude doen. Er werd toen opnieuw seer hard op de deur en het venster van de camer geslagen, en Aert in sijn hemd van het bed sprong, vattende sijn snaphaen in de hant en het venster opgestoten te hebben en daar Gerrit Hanegraaf, zo hij meende, bij het huis gezien te hebben en hij van plan was vuur te geven. Hij zag echter dat het roer niet geladen was, hij kon dat niet meer doen, omdat er met grote forse op de deur en glasen boven de deur geslagen werd,  zodanig dat de deur uijt de ijsere krammen sprongh. Aert riep om hulp en was genoodzaakt  zich terug te trekken op de kelderkamer horende in de keuken de stemmen van Ignatius en Augustinus van de Gevel, broers en zonen van advocaat Nicolaas van de Gevel, niet beters wetende dat sij per voets minschen van Heesch wilde gewesen hebben waar waren seggende onder anderen den genoemde Augustinus “nu schiet, schiet, dat u de duivel haalt”. Na een groot gerucht in de keuken gehoord te hebben, vernam hij dat de van der Gevel uit huis vertrokken waren en is Aert weer naar de keuken gegaan. Hij hoorde zijn dochter Jenneke zeggen dat zij gekwetst was door Augustinus van de Gevel. Een half uur later kwam Jacob Gijsbers in zijn huijs, met Jan van Vorstenbosch, Jacob Timmers, Tijs Wellens, en een zoon van Jan Driessen en een zoon van Jan Hendrick Ariens, wonende in Munnick Vinckel, waarna de beide broers van de Gevel opnieuw in het huis kwamen, toen hij net weer in zijn bed lag. De broers kwamen ieder met een mes in de hand bij zijn bed snijdende en stekende op de planken van de bedstee en over de muur, zoals de tekenen bewijzen als dat nodig mocht zijn. Hij zei tegen de jongens “wilde ons dan allemaal vermoorden?” Enige tijd later vertrokken ze allemaal uijt het huis. Meester Johan Davervelt, sursijn, wonend te Middelrode het eerste verband  en enige dagen daarna van zijn dochter  in sijn huijsinge heeft gedaan.

Marie verklaart dat toen haar man al 2 uur te bed was er op de deur werd geslagen en dat zij op een gegeven moment de deur geopend heeft en de beide broers van de Gevel zag, die seer vloekten en schelmden op die van Hees die sij der uijt wilde hebben. Zij antwoordde dat er geen mensen uit Hees in haar huis waren. Ze sloot de deur weer, waarna er weer hard op deuren en glazen geslagen werd, de glazen werden ingeslagen en de deur uit zijn krammen geslagen. De van de Gevels kwamen met een bloot mes in de keuken en wilden dat die van Hees eruit zouden komen. Augustinus sneed met zijn mes naar hun dochter Jenneke, waarna Marie verklaarde “tussen bijde gegaan te wesen om hem met goede woorden te onderrichten”, maar hij wilde niet luisteren en stak de dochter rechts in haar zij. Toen ze zagen dat Jenneke bloedde vertrokken de broers van de Gevel. Even latern kwamen Jacob Gijsbers, Jan van Vorstenbosch, Jacob Timmers, Tijs Wellens, en twee knegtjens: een zoon van Jan Driessen en een zoon van Jan Hendrick Ariens. Even daarna stonden de broers van de Gevel ook weer in de keuken en gingen met hun bloot mes naar de bedstee waar haar man lag en maakten met grote onstuijmigheijt stekende bewegignen naar haar man.

Jenneke verklaart met haar moeder Marie Antonisse van de Wetering verklaart als haar moeder.

Tekenen: merk Aert de Wert, merk Marie Antonisse van de Wetering, Jenneke Aerts de Wert, Jacob van Gogh, Jan Jansen van de Ven den jonge.

 

Blz 260 dd 16 maart 1706  (copie) Erfdeling

Compareren

Adriaan Jan Melten,

Antonis Leenders gehuwd met Handerske dochter van Jan Hendrik Melten,

Hendrik zoon van Jan Hendrik Ariens, 

Antonis Schalx gehuwd met Handerske dochter van Jan Hendrik Ariens verwekt bij Joostje Jan Hendrik Melten

Jan Hendrik Ariens voogd samen met Willem Hendrik Ariens over Adriaan en Maria, minderjarige kinderen van genoemde Jan Hendrik Ariens,

Hendrik soone Jan Hendrik Melten

Allen kinderen en Erfgenamen van Jan Hendrik Melten en Peerken Adriaan Wouter Coolen, in hun leven egtelieden, maken een erfdeling

Aan Adriaan:

-       acker teulland, groot 8 vatsaet te Nuland, tussen zuid en noord de kinderen Jan Lambers de Wert, strekkende van ene einde kinderen en erfgenamen van Herbert Dircx van Nuland, tot op het Snijders heufke westwaarts

-       4 hont hooijland opt Middelst Nuland, nasst de erve van de kinderen Jan Udo van Goor bovennaast en Jacob van Gogh, benedennaast

-       ½ van 2 mergen in de gemijne hoeve alhier gelegen, ongedeelt met Mattijs van der Aalsvoort naast erve erfgenamen Peter Aent Hoogh bovennaast en Hr Casteren benedennaast

-       6 vat saet teulland, genaamd den Middelste Acker aan de Nulandse straat, beneffens erve Dirck Janse Spierings bovennaast, Jan soone Jan Hendrik Aent Hoogh benedennaast, schietende zuidwaarts van de erve Hendrik Jan Melten tot op het Bosch Straatje noordwaarts,

Hieruit te vergelden 1/3 deel in een pacht 8 gulden jaarlijks te betalen aan comptoir van de rentmeester Hr S Gravensande te Den Bosch.

-       ½ in 400 gulden capitaal tot laste van de gemeente van Nuland

Aan Antonis Leenders

-       2 mergen weiland op den Wolfsdijck beneffens erve de erfgenamen Cornelis Brusten bovennaast, Tomas Maas c.s. benedennaast, strekkende met de ene einde van de Wolfsdijkse straat zuidwaarts tot op de erve van de kinderen Jan Hendrik Ariens noordwaarts. Hieruit te vergelden aan de H Geest te Den Bosch 2 sester rogge en 7 stuijvers pacht aan de armen van Nuland.

-       4 hont hoijland op het Middelst Nuland, beneffens erve van de erfgenamen Wouter Adriaan Colen bovennaast, Willem Jansen Quack benedennaast, schietende van zuidwaarts de erve Willemke weduwe Jan Lambers de Wert tot op de erve Tunnis Jansen noordwaarts

-       4 hont hooiland mede op het middelst Nuland beneffens de arme bagijnen tot Den Bosch bovennaast, Jacob van Gogh benedennaast, zuid de kinderen Jan Hendrik Ariens, noord Claas Jansen Aent Hoogh

-       ½ van een mergen hooiland ongedeelt met de kinderen Jan Hendrik Ariens op het voorst Nuland, beneffens erve Dries van de Ven c.s. bovennaast en Jacob van Gogh benedennaast.

Aan de Kinderen Jan Hendrik Ariens

-       akker teulland genaamd het Mouwerse groot 8 vat saet gelegen te Nuland, beneffens erve erfgenamen Cornelis Bruijsten bovennaast, Tomus Maes c.s. benedennaast, strekkende met ene einde van Tunnis Linders zuidwaarts  tot op Nulandse straat noordwaarts. Hieruit te vergelden 2 sester rogge aan de H Geest tot Den Bosch en 7 stuijvers pacht aan de armen van Nuland

-       10 hont hooijland te langs overt Nuland gelegen beneffens erve erfgenamen Jan Willem Tunissen bovennaast, Hr Casteren benedennaast, strekkende met de ene einde zuid de Netteringsgraeff tot op de Hoefdijck noordwaards

-       ½ van een mergen hooiland ongedeelt met Teunis Linders op het voorst Nuland gelegen, beneffens erve Dries van der Ven bovennaast en Jaocb van Gogh beneden naast.

Aan Hendrik Jan Melten:

-       huis, hoff,  bogert met een schob en backhuisken, en aangelegen land groot 5 vat saet aan Schotsheuvel gelegen beneffens erve Jacob van Gogh bovennaast, gemene straat benedennaast, strekkende van erve Tomas Maes c.s zuidwaarts tot op het gemeene steegsken noordwaarts, waaruit te vergelden aan de gemijnte van Nuland 2 stuijvers jaarlijks gebuercijns

-       2 hont weijland in een meerdere plackt wijlands met Jacob van Gogh opt Groot Hoogh alhier gelegen,

-       ½ van 2 mergen hooiland ongedeelt met Dirck Claesen c.s. gelegen achter opt Nuland, de erfgenamen van Beelken Joosten de Cort bovennaast, Jan Huijbers benedennaast

-       2 hont hooiland voor opt Nuland gelegen beneffens erve Wouter van Geldrop bovennaast, erfgenamen Wouter Adriaan Colen benedennaast

-       Het voorste ackerken teulland aan de Nulandse straat, groot 3 vat saet beneffens erve Dirck Jan Spierings bovennaast, Jan soone Hendrik Jansen Aent Hoogh benedennaast zuid van de Nulandse straat tot op de erven Adriaan Hendrik Melten noordwaarts, hieruit te vergelden 1/3 deel in een Mudde rogge reductie te betalen aan het comptoir van de Heer van Deursen met 1/3 deel van 5 gulden jaarlijks, item ook 1/3 deel in een pacht van 28 stuijvers mede aant genoemde comptoir

-       ½ van 400 gulden capitaal tot laste van de gemeente van Nuland

Tekenen: Adriaan Jan Melten, Tonis Lenaars, Hendrik Jansen, Tonis Schalx, Jan Hendrikx, Welle Handricx, Hendrik Jan Melten, G Croon, Jacob van Gogh, Martin Kievit, J van Clootwijck Sub secr.

 

Blz 269 dd 20 maart 1706

Compareren Jan van Vorstenbosch, Jacob Timmers, Jaecob Gijsbers, inwoners van Nuland en van competerende ouderdom, gedaagt om ter instantie van drossaard Croon een verklaring te doen dat zij op 1 januari inde avond als de lamp ontstoken was, samen in de huijsinge van Aert de Wert, zagen dat de glazen boven de deur ingeslagen waren, en in de keuken zagen ze Ignatius en Augustinus van de Gevel zitten , zonen van de Advocaat Nicolaas van de Gevel, die vroegen of er geen menschen uit Heesch in het huijs waren, na een pijp taback gerookt te hebben vertrokken de deponenten weer, zonder te weten wie de glazen ingegooid had en en wie de dochter van Aert de Wert gestoken en gekwetst had.

Tekenen: Jan Willems Vorstenbosch, Jacob jan Timmers, Merck Jacob Gijsbers, Abraham van Mill, Peter Eijmbers van Creijl.

 

Blz  271 dd  9 april 7706  Borgbrief   copie

Alleke dochter Jan Willem Ceelen nu getrouwt met Cornelis van Maasbommel te Orthen wonend is geboren te Nuland, moeder leeft nog, de ouders waren te Nuland geerfd, betreft een copie van een acte die op 9 maart al was opgetekent.

 

Blz 272 dd 14 april 1706

De Staten Genraal hebben wegens de inondaties in het jaar 1700, 1701 en 1702 de verpondingen en de 5e verhogingen van de buijtendijkse landen geremitteerd en dat de sollicitatie kosten deswege geresen 6 stuijvers per gulden en authoriseren Willem Tonissen van Roij (1700) , Cornelis van Coot (1701), Jacob van Gogh (1702) en Wouter Joppen, als collecteuren van de genoemde verpondingen, om de 6 stuijvers van ieder te innen en te batlen aan de persoon die in de ordonnantie genoemd is., met de macht de gebrekkelijke betaalders te mogen daegen aan het ordinair gerecht, alhier.

Tekenen: G Croon, Mart. Kievit, Abraham van Mill,  Peter eijmbers van creijl,  Corstiaen Gerits Beijvelt, Jan Jansen van der Ven de jonge.

 

Blz 273 dd  4 juni 1706

Schepenen, Kerkmeesters en Vrouwe van Nuland hebben voor de tijd van 10 jaar het deckloon voor de kerk vanaf 1706 voor toren en kerk bestelt aan Mr. Antony Florisse Keupen, lijdecker wonend te Osch, Hij moet elka jaar de toren en kerk goed onderhouden, de materialen sullen gelevert worden aan hem, en mocht er een storm wind of orkaan aanmnerkelijke schade aan de toren of kerk gedaan hebben ook door hem gedaan moet worden, onder tauxatie van onpartijdige leijdekkers. Voor de gewone werken zal hij per jaar op kersmis de som van 25 gulden, voor dit lopende jaar een som van 10 gulden en een half ton bier.

Tekenen: G Croon, Jacob van Gogh, Mart. Kievit, Abraham van Mill,  Peter eijmbers van creijl,  Corstiaen Gerits Beijvelt, Jan Jansen van der Ven de jonge. Antonij Florissen Coppens, leijdecker

 

Blz 274 dd 16 juni 1706   copie

Adriaan van Tilborgh, president en Mathijs van der Aalsvoort schepenen van Geffen, verkalren vandaag ter instantie van de ingelanden van den polder van der Eijgen, onder Nuland gelegen, de polder hebben gevisiteerd aanvanck nemend ostwaarts van Kepkensdonkdijk, en geëindigd westwaarts de gemeijne hoeve, gelegen onder de parochie of polder van rosmalen, en hebben gezien dat de polder landen nog onder water stonden, ongeveer 1 voet water, waardoor de landerijen onbequam sijn om gebruikt te worden.

Tekenen: Adriaan van Tilborgh, Mathijs van der Aalsvoort, G Croon, Jan Jansen van der Ven de jonge, Poulus peters van Osch.

 

Blz 275 dd 19 juni 1706  copie

Compareert Altje Hendricx, jonge dochter van Hardenburgh, oud 31 jaar, voor dienstmijt gewoond hebbende bij de Vrouwe anna Maria Tromp, weduwe van wijlen Hr Barronet Gans, die evrklaart ter instantie van genoemde Vrouwe dat in de tijd dat de Heer Ivoij generaal kwartiermeester en overste van een regiment infanterij , mitsgaders majoor van de stad Den Bosch, in ’s Gravenhage dat onder de gebooden en  trouden met de weledele juffrouw Alida Maria van de Horst, dat in het huijs van de douagiere van Nuland in Den Haag die tijd woonden en alwaar de besoeken en bruiloft wierde gehouden, dat sij comparante komende van beneden naar haar slaapkamer, waar een luijk was, heeft gesien dat Susanna van Elft, die tijt camanier van de Vrouwe, aldaar doende was door het selve op te geven, enige beteljens op de genoemde provisiekamer in bewaringh sijnde onder het comande en de directie van Nicolaes Schop, kneght van genoemde Vrouwe va n Nuland, die altijd de sleutel van de provisiekamer had, welke beteljens  door het luijck werden ontvangen en afgenomen door de cockmijt van de Vrouwe van Nuland, genaamd Alida, sijnde op de solder boven de provisiekamer. Uit vrees en schrik heeft sij had voor de kneght en meijskens, die haar altijt listen en laegen hebben gelijt om haar …. en verdacht te maken en daarom niet aan de Vrouwe eerder heeft bekent.

Akte is niet getekent!

 

Blz 277 dd 30 juni 1706   copie

Alsoo door de gesworene deser HH van Nuland voorleden zondag nachtuit de akkerlanden en koorenvelden, hadde geschut en in de kooij gebracht 2 tweejarige merry peerden het een bruin kolt, het andere roijt en harig en dat deselve niet bij de eijgenaars sijn reclameert en uijt de schutskooij gelost zo heeft de drossaard ten overstaan van de schepenen na voorgaande clockslagh voor de minste penningen voor alleman int voeder bestelt aan Rut van Vlijmen, a 15 stuijvers per dag/nacht.

Tekenen: G Croon, Rud van Vlijmen, Mart. Kievit, Peter eijmbers van Creijl, Jan Jansen van der Ven de jonge.

 

Blz 278 dd 6 juli 1706

Compareert Geerit soone Aert Hoos, timmerman, wonend op Heeseijnde en Emit zoon Rut Mathijsen van Vlijmen, die ter instantie van Maria Tromp, de Vrouwe van Nuland en verscheijde ingelanden van de polder van der Eijgen verklaren dat sij op verzoek van Theodorus Lemmingh en geauthoriseerd door de Vrouwe van Nuland, en Adriaan Faessen als gesworene, op donderdag 1 juli voor sonne opganck de gemeene Wetering van de genoemde polder van bovenaf met een schuit hebben gevisiteerd, om de vaststaande visnetten daarin staande op te halen, en gecoomen aan het water genaamd de Meer en vonden daar een schutnet waar e wetering mee door was afgezet, waarvoor soo veel bocht was gedreven dar men er met de schuit niet door kon. Met vele moeite hebben ze het opgehaald, het net was met sware steenen aan de bodem vastgemaakt. Ze hebben het net in de schuit geladen toen bij hen kwam ene Willem de Becker, en de soon van Hendrik Toone, die het net terug wilden hebben, hyetgeen ze geweigert hebben. Ze zijn verder gevaren tot aan de bovenkant van de sluijs van de wetering waar het genoemde net uit de schuit werd genomen en gebracht aan het huiijs van Willem de Becker, herbergier wonend te Orten, waar kort nadien kwam Aswerius van der Grint, Heemraad tot Orten, die vroeg of zij geen Heemraad bij sich hadde, en op wiens orders zij anders aan het werk waren. Lemmingh antwoordde: door de Vrouwe van Nuland, en kon zijn commissie aan van der Grint laten zien. Van der Grint becalangeerde daarop de Vrouwe van Nuland wegens de Hooghschout. Lemmingh vroeg van de Grint naar zijn commissie om dit van de Hoogschout te mogen doen, hetgeen van de Grint niet kon laten zien. Lemmingh zei dat hij dan scheet in hem en in sijn calangie en Van der Grint repliceerde dat de Vrouwe van Nuland de macht niet hadt om sonder een Heemraadde gemene wetering te mogen laten visiteeren. Lemmingh antwoordde dat de Vrouw van Nuland meer macht had dan een Heemraad, ze had immers ook met 80 mergen in de polder geerft was. Verder zei Lemmingh “sout gij ons beletten de visitatie te mogen doen, daar de ingelanden 4 gulden en 2 stuijvers per mergen van polder en groenendijks gelt moeten betalen, en daar en boven de landen onder water houden, en daar en boven nog sulke sware verteeringen maken, daar soude u de duivel over halen”. Van der Grint verklaarde “onnosel in de verteeringen te sijn, dat hij onlangs pas heemraad was geworden.

Tekenen: Gerit Hoos, merk Emit Rut Tijssen van Vlijmen, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch.

 

Blz 282 dd 14 juli 1706

Compareert Adriaan Faessen, gesworene deser HH, die te rinstantie van de Vrouwe van Nuland, na hem de attestatie van Geerit soone Aert Hoos en Emit zoon Rut Mathijsen van Vlijmen, dd. 6 juli 1706, verklaart het eens te zijn met deze verklaring.

Tekenen: Ariaaen Faessen, Jacob van Gogh, Poulus Peters van Osch.

 

Blz 283/283/284/285 leeg

 

Blz 286 dd 14 juli 1710

Ik ondergetekende sub secrataris deser HH certifieceren voor de oprechte waarheijt dat Hendrik Melten zijn goederen hem bij deling voor drossaard en schepenen  deser Hh gepasseert op 16 maart 1706, aangecoomen niet met eeniege renten en pachten ten protocolle tot dato deser incluis schabbinaallijk heeft belast of te beswaart.

 

EINDE

Laatst aangepast op maandag, 27 augustus 2012 22:19

10 reacties

Geef ons uw mening

Ga naar boven